Pietje Puk en De Post

Vanmorgen moest ik een brief posten. Echt een doodgewone brief met een gewoon adres in plaats van een emailadres, zonder onderwerp en gewogen in gram in plaats van kilobites.

In een jeugdige bui associeer ik de post voornamelijk met Pietje Puk, de olijke postbode uit het Keteldorp die elke morgen de brievenbussen deed klepperen (ze hadden toen nog allemaal een klep neem ik aan). Daarna deed hij zijn kantoortje open, en mensen kwamen dan bij hem langs om brieven te versturen naar verre ooms die ze al een hele tijd niet meer hadden gezien.

Vanmorgen stond ik in zo’n postkantoor, het was alleen iets groter. Ik nam een nummer en wachtte heel geduldig tot het mijn beurt was (kan moeilijk anders als je nummer 40 hebt en er 28 op de teller staat). Ik had alleen de brief, en dus geen envelop en geen postzegel.
Terwijl ik daar zat te wachten mijmerde ik wat over hoe “Pietje Puk-iaans” mijn verrichting eigenlijk wel was. In gedachten zag ik Pietje Puk himself achter het 25-dubbel gewapend glas zitten en ik zou hem een doodgewone envelop vragen en een doodgewone postzegel om een doodgewone brief te verzenden. Daarna zou ik iedereen in het kantoor een prettige dag wensen en vrolijk fluitend huiswaarts keren (“Eén, twee, drie, vier
Pietje Puk die heeft plezier ; vijf, zes, zeven, acht; ’t Is Pietje Puk die altijd lacht….” Wie doet mee?). Sommige dingen hoeven eigenlijk niet te veranderen.

Toen was het mijn beurt. Voor de eerste keer (of de tweede keer) sinds ik in Brussel ben begon ik in het Nederlands tegen de – zo bleek – Franstalige loketbediende. Na mijn verzoek herhaald te hebben diepte ze twee pakketten enveloppes op, in twee formaten.
“Jamaar, ik heb er maar één nodig. En het liefst met een venster”.
Ah non, dat is teveel gevraagd, monsieur. Of beter: te weinig, want we verkopen alleen in dikke pakketten. En die met een venster hebben we al helemaal niet.
De loketbediende verwees me naar een krantenwinkeltje aan de overkant van de straat. Met een nors gezicht verliet ik het postkantoor. Wat een tijdverlies!
Toen ik bij de krantenwinkel kwam keerde het Pietje Puk-gevoel heel even terug. Aan de deur hing een briefje waarop stond “Fermé pour 10 min.” Deed Pietje Puk dat ook niet als hij er even niet was?

10 minuten was voor mij te lang. Ik woon dan ook in Brussel en niet in freakin’ Keteldorp. Ik ben naar de concurrentie op de hoek gegaan, genaamd Press Shop, waar een Aziatische winkelbediende me in gebrekkig Frans voorzag van een envelop zónder venster (bestaan die dan niet meer of zo?) en een postzegel. Daarna mocht ik naar huis om het adres erop te schrijven (je hebt alleen een balpen bij als je er geen nodig hebt / one day I’m gonna find you, mister Murphy), om daarna nog eens een brievenbus te mogen zoeken.

Misschien zou een beetje concurrentie de Post geen kwaad doen, denk je dan. Want wat als die concurrentie wél op het idee komt een stapel losse enveloppes met venster achter de loketten te leggen?

Advertenties

Eén reactie

  1. Ik ben ooit eens een heel klein betje hetzelfde tegengekomen in fucking St.Michiels 😉
    ‘een envelop, maar dat verkopen wij hier niet meneer’… ‘Hallo dit is toch DePost’.. ‘ja maar voor enveloppen moet ge ergens anders zijn’… heel commercieel enal !

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: