Helvetica

Ik groet elk van u!

Tijd om de twee weken stilte te doorbreken. Er is een Harald of Free Enterprise aan belevenissen die ik zou kunnen vertellen van mijn reis naar Zwitserland (Saasdal), maar eerlijkgezegd sta ik daar wat afkerig tegenover. De lijn tussen interessant bloggen en een nonkel die zijn reisfoto’s vol overgave becommentarieert tegenover een schare verveeld en horlogestarende familieleden wordt plots heel dun.

Het is misschien niet origineel maar vergeef mij dat ik daarom mijn concept van vorig jaar herhaal: sleutelwoorden. Dit jaar gaat het om angst en pijn. Het was een mooie reis.

ANGST

  • Granny’s concerns:
    Zoals je wel al wist was ik de gast van mijn grootouders. Mijn neef en ik zorgden ervoor dat de auto vooruit ging en de oma en de opa zorgden voor logies en eten op tafel. Mijn oma, die is schuw van alles. Een overzicht:
    – Toen we Zwitserland binnenreden werden we getrakteerd op twee douches. Plots zag je geen hand meer voor ogen en enkele schijtlaarzen op de autosnelweg hadden het briljante idee te beginnen remmen. For the record: je wil niet remmen. Hoogstens op je motor. De eerste douche was toen mijn neef reed, de tweede viel mij te beurt. Het is moeilijk geconcentreerd te blijven als je grootmoeder totaal in paniek slaat en in je oor roept dat je beter zou stoppen.
    – Eens de stortbuien gepasseerd, wachtte ons de autotrein door de Lötschenbergtunnel. Mijn oma denkt dat als je de blazers uitschakelt en je alle ruiten dichtdraait, dat je gaat stikken in je auto. Dus wilde ze de ruiten openlaten en de rotte tunnellucht (voornamelijk de geur van teer) compenseren door eau de cologne onder de neus te wrijven. Dat grapje heeft ze vroeger wel eens uitgehaald toen ik er ook bij was, en ik herinner me dat ik zowat high werd van de eau de cologne (nee, toch niet, in werkelijkheid had ik het doodsbenauwd). Het waren ik en mijn neef die in paniek de oma van haar voornemens wilden laten afzien. Het is ons ternauwernood gelukt.
    – Ik was van plan mijn start-to-run-lessen gewoon ter plaatse verder te zetten. Maar mijn oma vond dat geen goed idee. Ze was bang dat ik “’t ert af zoen loopn”. Vrij vertaald: dat ik mij het hart eraf zou lopen. Of nog eens met andere woorden: dat mijn hart het onderweg zou begeven onder het hard labeur.
    – Zoals elke grootmoeder was oma bang dat we zouden verongelukken op bergtocht.
    – Mijn oma is bang van treinen. Ze denkt dat ze zullen ontsporen om één of andere reden. Dat gaf veel angstige blikken en geblaas, eerst bij de autotrein en vervolgens in de trein naar Zermatt en die naar Gornergrat (en die ging omhoog!!).
    – Oma is bang voor onweer. Toen we in Gornergrat (boven Zermatt), op 3000 meter hoogte een grote pint zaten te drinken kwam er plots een onweerswolk vanachter de Matterhorn. Voor oma was het een uitgemaakte zaak: we zouden allemaal sterven. Ze dwong ons ons bier op te drinken in 5 minuten tijd want ze wilde zo snel mogelijk naar beneden. Halfdronken waggelden we terug naar het stationnetje met oma achter ons terwijl ze aanspoorde wat haast te maken. Beneden gekomen was de lucht opnieuw blauw en had oma spijt dat we zo snel waren teruggekeerd.
    – Er was een nieuwigheid op het appartement: een vaatwasser. Oma was bang om het ding ’s avonds voor het slapen gaan te laten draaien omdat hij “zou kunnen ontploffen”. Ze had ook schrik om de borden onderaan te zetten omdat ze aan diggelen zouden kunnen worden geslagen door die draaiende molen.
  • My concerns
    Ik heb ook mijn portie angstzweet gehad. Ik ging een allerlaatste bergtocht ondernemen naar de 3320 meter hoge Mischabelhütte. Mijn neef had een knieprobleem dus ik was alleen. Na 5 uren klimmen werd het link. Heel link. De hut lag bovenaan een rotsachtige kam die bijna recht naar boven ging. De Zwitsers hadden er niks beters op gevonden van het “pad” op die kam te leggen. Plots bevond ik mij op smalle richels terwijl ik mij vasthield aan een stalen kabel terwijl ik met mijn rechtervoet voorzichtig de rots afzocht naar houvast voor de volgende stap, met links van mij een afgrond van 200 meter en rechts een andere afgrond van 500 meter. Wanhopig keek ik naar boven om heel ver boven mij het dak van de hut te zien, met daartussen genoeg rotskam om nog minstens 2u klouterplezier te beleven langs ijzeren voetsteunen, kabels en ladders. In gedachten zag ik mezelf uitglijden, 5 keer tegen de rotswand kwakken om op een uitstekende rots tot stilstand te komen met twee open beenbreuken, een gebroken sleutelbeen en een schouder uit de kom. Ik zou roepen en niemand zou me horen. Dat soort beelden schoot door mijn kop terwijl ik nog maar eens een verticale muur beklom waarbij ik een manier probeerde te vinden om mijn trillende voeten zo stabiel mogelijk op de ijzeren steunen te plaatsen. De kam was zo smal dat ik er soms op zat met mijn linkerbeen aan de ene kant en mijn rechterbeen op de andere kant zoals op een paard. Een steigerend paard dan want de kam ging onmenselijk steil naar boven, naar de wolken die steeds dichter kwamen. En elke keer dat ik een paar stappen achtereenvolgens plaatste en daarbij minstens 3 meter hoogteverschil overbrugte moest ik halt houden om mijn ademhaling onder controle te krijgen, happend naar zuurstof in de ijle lucht.
    Ik ben er heelhuids geraakt, aan die Mischabelhut. Ik liet mijn bergschoenen achter bij de ingang en binnen vond ik een gezellig vertrek met een 10-tal alpinisten die soep aan het eten waren. De uitbater voorzag mij met plezier van een portie uiterst zoute soep en vroeg waar ik vandaan kwam.
    “Holland?”
    “Nein, Belgien!”
    “Ach soo! Und wo in Belgien?”
    “Brügge.”
    “Wirklich?? Ich war einmal in Brügge. Mit die alte Kanalen und die Kirche mit das Blut!”
    “Eben, das Heilige Blut”, trad ik hem bij.
    “Und der gute Fussballmannschaft!” De opmerking toverde een smile op mijn gezicht. “Sehr gute Mannschaft!”. De afdaling verliep heel vlot. Alsof ik door een engel was aangeraakt had ik plots hopen zelfvertrouwen. Ik slingerde mij langs de touwen en rapelde met momenten naar beneden. Ik kwam bij passages waar ik tijdens de beklimming enkele malen een akte van berouw had opgezegd en probeerde ze eens opnieuw. Zonder problemen trok ik me langs trouwen en rotsen naar boven alsof er plots geen gapende diepte meer was, waar ik vast en zeker nader kennis mee zou kunnen maken indien ik het touw even zou loslaten. Uiteindelijk kwam ik weer op het gewone bergpad en toen merkte ik de pijl op naar de Mischabelhütte, in de richting waar ik vandaan kwam. Onder die pijl stond een waarschuwing: Alpine weg. Ervaring vereist.

PIJN

De pijn kwam aanvankelijk aankloppen bij mijn neef tijdens onze beklimming van de Eggishorn, een berg die boven de Aletschgletsjer uittorent. We hadden de kabelbaan genomen vanuit Fish en de berg was een klein klimmetje voor een nog beter uitzicht. Alleen was het eerder een hoop rotsblokken dan een echte berg, en dus een beproeving voor de knieën. De rekening werd hem gepresenteerd op de Jazzilückepass, een bergpas op de Zwitsers-Italiaanse grens op het uiteinde van een zijdal van een zijdal van een zijdal van de Rhônevallei, waar nauwelijks een levende ziel voorbijkomt. Maar de pass is een goed bewaarde diamant. Na een niet zo zware beklimming door een schoolvoorbeeld van een post-glaciaal landschap (sorry, aardrijkskundeleerkracht spreekt hier) kom je na wat klimwerk door rots en puin op een pas die een magistraal uitzicht geeft op aan de ene kant Italië waar je de nevel ziet hangen boven het Lago Maggiore en het Lago d’ Orta. Aan de andere kant zie je de toppen van de Monte Rosa zich aftekenen, een woest bergmassief met verschillende gletsjers en voor de rest volledig bedekt met sneeuw. De op één na hoogste berg in de Alpen na de Mont Blanc, maar in mijn ogen 30 keer indrukwekkender. En als je het aandurfde een blik te werpen over de richel aan de andere kant van de pas, dan keek je recht in het soort afgrond die je herinnerde aan de film Cliffhanger. Wat je ook aan die film deed denken, was het vervolg van ons pad. We gingen op dezelfde hoogte (3100 m) blijven lopen op de grens tussen Zwitserland en Italië, naar de Antronapas om van daaruit terug te keren naar de vallei. Een tocht van 17 kilometer. Het pad dat ons wenkte ging rakelings langs een schrikwekkende rotswand. Vanuit ons perspectief was het niet meer dan een richel van een halve meter breed met daarnaast tientallen meters vrije val. Bovendien had mijn neef, den duts, zoveel pijn aan zijn knie dat hij hem niet meer kon buigen. Het beloofde een lange tocht te worden, en dat werd het ook. 11 uren zijn we onderweg geweest, van 8u ’s ochtends tot 7u ’s avonds. En dat leverde mijn neef veel kniepijn op en mij veel blaren.

Twee dagen later was ik aan de beurt. Mijn neef lag in de zetel om zijn knie te laten herstellen. Ik werd ’s morgens wakker onder een blauwe hemel en besliste daarop om de aanval in te zetten op de Zwischbergenpass, één van de twee tochten in de streek die ik nog niet gedaan had (naast de Mischabelhütte). Met podcasts van Calexico in de iPod verdreef ik deels de eenzaamheid hoewel ik er ook wel van genoot om mijn eigen tempo te kunnen bepalen. Een stevig tempo zo bleek want tegen 13u30 stond ik boven op de mistige pas, 3 en een half uur na ik vertrokken was. De aanduidingstijd op de eerste wegwijzer beneden in het dal was 5u. Helaas: ik kreeg last van mijn linkerknie. Telkens ik hem omhoog hief om de volgende stap te zetten voelde hij aan alsof hij 10 kilo lood meezeulde en de ligamenten binnenin die het hele spel moeten op- en neertakelen voelden onaangenaam pijnlijk aan. Mijn lot was deels dat van mijn neef: een afdaling met gestrekt been. Zover liet ik het wel niet komen: ik zorgde er gewoon voor dat de knie zo weinig mogelijk belast werd, maar buigen was geen probleem. Dus ging ik ietwat strompelend doch gezwind naar beneden zodat ik zelfs nog op tijd was om het einde van de afsluitende tijdrit van de Tour de France te zien op tv. Maar mijn been, dat was andere koek: pijnlijke knie, pijnlijke scheen en scheuten in mijn dij.

Tot dusver wat loze vertellingen over mijn Helveticaanse Erlebnissen. Ik zet eerstdaags wel nog wat foto’s op Flickr waarna ik die netjes link in een blogpost, of in deze post of helemaal niet. Vrijdag om 17u vertrekt mijn vliegtuig naar Istanboel, en 2u later heb ik een aansluiting naar Amman, Jordanië. Gelieve even aan mij te denken want ik voel me eerlijkgezegd comfortabeler gezeten op een smalle bergkam op 3000 meter hoogte dan op een vliegtuig. Ik ben altijd blij wanneer we landen (eigenlijk ook wanneer we opstijgen, maar dat vind ik gewoon leuk).

ps: ik heb deze post niet herlezen want ik ben te moe. Wie fouten ontdekt mag mij daarop wijzen in een comment en dan pas ik het aan. Voor jullie een opkrikking van jullie eergevoel, voor mij een aangename ondersteuning van mijn gemakzucht. Welbedankt!

7 Reacties

  1. Geen fouten, wees gerust, althans geen erg in het oog springende (dekte zij zichzelf in).
    Je weet wat in de boekjes staat he? ga nooit alleen bergtochten maken!
    PS veel succes op de vlucht naar Jordanie!

  2. Ach, hier en daar een dt-fout, maar we gaan niet neuten. Blij om je terug te lezen! En al benieuwd naar de foto’s!
    Veel plezier met Griet in Jordanië!! (Wees gerust: je hebt de NY-vlucht ook overleefd; heen en terug🙂 Frederick vliegt zelfs alleen naar China, met overstappen, brrrr :s ik ben bang in zijn plaats🙂 ) Ik hoor jullie wel é, draag goed zorg voor mekaar!🙂 doeiiiii xxx

  3. Gij avonturier😉
    Grappige oma🙂
    Goeie reis (weeral) ^^
    Gegroet Bjorn

  4. Ik heb luidop moeten lachen om de vertellingen over uw angstige oma. Het moet lastig leven zijn als je schrik hebt van zoveel dingen.

    Ik heb trouwens ook al op de trein naar Zermatt en Gornergratt gezeten en in Fisch ben ik ook al geweest.🙂

    Geniet van je reis naar Jordanië!

  5. “ik en mijn neef”…. tssss
    “mijn neef en ik”, ja!😉
    Goeie volgende reis trouwens, geniet ervan. En nog niks van de Brooklyn? Ik kan het niet laten om daar binnen te loeren als ik passeer. Nog nooit het voorwerp van je aanbidding gezien. Misschien kreeg ze haar C4 na je mail…

  6. […] Ook van mij krijg je geen uitgebreid reisverslag en ook geen sappige anekdotes, want dat deden Maarten en Fideel al veel beter. Ik hou het op enkele tips. En dan nog enkel die die je niet in reisgidsen […]

  7. […] De foto die er nu staat heb ik deze zomer in Zwitserland genomen op mijn dodentocht naar de Mischabelhütte. Op die mooie augustusdag stapte ik rond 9u ’s ochtends letterlijk uit de mist. Niet aan de […]

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: