Roadtrip USA, deel V: de Travelodge zag eruit als een gevangenis

De volgende ochtend was het niet goed. Je kunt ziek zijn en wakker worden als een ander mens, maar je kunt ook ziek zijn en wakker worden alsof je tijdens je slaap geopereerd bent. Keelpijn, hoofdpijn, rugpijn, hoest, koorts. Een pijnstiller bracht me half op de been maar in de plaatselijke supermarkt was datzelfde been minder gewillig en probeerde ik al wankelend houvast te vinden. We waren die ochtend van plan te gaan ontbijten op de rand van de Grand Canyon. De Rough Guide raadt een viewpoint aan waar er geen toeristen komen omdat je een mijl moet wandelen om er te komen. De gedachte dat een mijl misschien te ver zou zijn voor mij vond ik zo afstotelijk dat ik vastberaden was om het toch te proberen. En zo geschiedde. We parkeerden de auto op een kleine parkeerplaats. Een hek versperde het pad en een bordje met “private” moest toeristen weghouden. Dat alles negerend trokken we het bos in. De zon scheen, de vogeltjes fluitten en het rook er zo heerlijk naar naaldbomen, ik voelde me al veel beter. Het pad kwam uit op een kleine open plek aan de rand van de kloof. Er stonden enkele barbecuestellen met daarrond wat tafels en stoelen. Het was de perfecte plaats voor een barbecue met wat vrienden. Wat verderop voerde het pad tot op een uitstekende klif vanwaar je een adembenemend uitzicht had op de Grand Canyon links, rechts en recht voor je. Op het uiterste punt zat een vrouw van het uitzicht te genieten, maar voor de rest was er niemand. Toen de vrouw na 5 minuten de terugweg aanvatte hadden we de plek voor ons alleen. Helemaal alleen met de machtige kloof. Het was met voorsprong het mooiste uitzichtspunt dat we al bezocht hadden. (Voor de geïnteresseerden: Shoshone Point).

Na een half uur graaiden we onze spullen bij elkaar en begonnen we terug te lopen. Op hetzelfde moment kwam er ander volk uit de tegengestelde richting, zich er waarschijnlijk op verheugend dat ze zo dadelijk helemaal alleen zouden zijn.

We reden een eindje naar het zuiden, naar Tusayan, om daar de IMAX-film over de Grand Canyon te bekijken. Daarvoor moesten we in het National Geographic Visitor Center zijn, die voor de gelegenheid omgebouwd was tot bioscoop. De geur van pizza en popcorn deed me bijna kokhalzen, dus gingen we buiten in de hitte zitten terwijl we wachtten op de voorstelling. Het was alsof er gewichten aan mijn oogleden hingen. In de zaal zelf was het dan weer ijskoud en ik weet niet beter dan dat ik minstens 6 mensen moet hebben besmet tijdens de voorstelling. De film is wel een aanrader. Zeker als je geen last hebt van motion sickness.

Ik slikte mijn ambities om een omweg te maken langs Monument Valley in, dus reden we rechtstreeks naar Page. Page is een soort van “dorp”, enfin… eigenlijk is het gewoon een verzameling motels en fastfoodketens, zoals de meeste andere Amerikaanse “dorpen” op het platteland, aan de rand van Lake Powell. En Lake Powell is het resultaat van de Glen Canyon Dam. En die laatste is er ironisch genoeg voor verantwoordelijk dat er heden ten dage geen Glen Canyon meer te zien is. Stel je de verontwaardiging voor als er op een dag zou beslist worden tot de bouw van een dam waardoor de Grand Canyon volledig onder water zou verdwijnen. Dat was het lot van de Glen Canyon, een kloof die misschien niet zo diep is als zijn grote neef, maar wel veel betere looks heeft meegekregen van mama natuur. De laatste jaren heeft de droogte er wel voor gezorgd dat Glen zijn kopke deels boven water heeft kunnen steken gedurende enkele maanden maar ik heb geen idee of hij te zien was in de periode dat ik er was want zodra we de oprijlaan van het Travelodge Hotel in Page opgereden waren, en we bij de norse inheemse receptioniste onze keycards opgehaald hadden, ben ik mijn bed ingekropen om er de volgende twee dagen niet meer uit te komen. That’s right: we hadden twee dagen aan Lake Powell en die zou ik heel goed kunnen gebruiken.

Advertenties

Eén reactie

  1. dag Maarten (en Evi),
    ’t is leuk je verhalen te lezen. Zoals jij die beschrijft is het alsof de lezer het zelf meemaak.
    Wat zijn we toch een internationale familie : Jullie in USA, Brecht in Australië, tante Leen en nonkel Geert in Italië, alsook Griet (met CM), tante Gert in Portugal (met Fisec) en straks gaan we nog wij naar Zweden en Noorwegen.
    Vlaanderen zendt zijn zonen en dochters uit…
    Hopelijk mag je snel beter worden en met volle teugen genieten van jullie reis!!
    Groetjes vanuit Male van (achtergebleven) nonkel Jan

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: