Bowels in or bowels out?

Het bruisende uitgangsleven in Brugge. Hoe ver moet het al niet komen voor je een stuk van iemands oor afbijt? Misschien had die ober naar Hannibal zitten kijken op VT4 voordat hij begon aan zijn shift? In het artikel wordt een “minderjarige” klant vermeld. Ik denk dat ’t Zand intussen al in het vergevorderde stadium verkeert dat “minderjarig” als een pleonasme kan beschouwd worden. Tot slot nog even een open deur intrappen: de ober is meegenomen voor verhoor. Ze wilden de klant ook verhoren, maarja. Jeweetwel. *kuch*

Over Hannibal gesproken: gisteren heb ik hem eens deftig bekeken. Het was een uitgelezen moment want ik zat alleen thuis en had niks beters te doen. Daarbij hebben ze niet zo lang geleden Silence of the Lambs ook getoond. We hadden die film vroeger op video. Die cassette was altijd vlot te herkennen aangezien mijn zus hem voorzien had met een label (“getagged” zoals we nu zeggen) met daarop “Sinence of the lamps”. Ik vind dat nu pas grappig omdat ik vroeger óók geen Engels kon.

Anyway: is dat geen ontstellend zwakke film (Hannibal dan)? Nee, inderdaad niet want in het eerste deel is hij best spannend en hij is ook heel “mooi” esthetisch gezien dan. Een reclamespot voor Firenze van meer dan 2u!
Maar daar houdt het ook bij op. Allez, kan iemand mij een goeie reden geven waarom hij (you know who) op het einde die gast zijn eigenen hersenen te eten geeft? Ik ben niet echt gevoelig aan dergelijke scènes dus mijn reactie was eerder “em…wtf?” dan “WTF!!!!. Maar zeg nu eens: wat is het nut van die scene? Zit hij erin omdat het noodzakelijk is voor het verhaal? I think not. Zit hij erin omdat de regisseur er een choquerende scène in wilde steken enkel en alleen for the sake of it? En omdat zijn armzalige film over 10 jaar nog zou herinnerd worden? I think so! Want laat ons eerlijk zijn: de plot was toch wel ontzettend mager. Het was eigenlijk het einde van Silence of the Lambs, maar dan heel erg lang uitgerokken. Hannibal ontsnapt, Hannibal moet weer gepakt worden. Ondertussen vermoordt Hannibal een loser, waarvan je bij de eerste keer dat je hem zag al kon zeggen dat hij het einde van de film niet zou halen, op een manier die best voorspelbaar is, temeer omdat hij het zélf al voorspelt in het begin. En die spoiler komt niet van mij, die heeft de regisseur zélf gecreëerd.
Tussendoor heeft Hannibal minstens 2 telefoongesprekken met Clarice waarin hij twaalvendertig keer “Claricccce…Claricccce…..is that you, Clariccccccce?” fluistert, alsof ze ons ervan willen overtuigen dat hij werkelijk nog steeds Hannibal is en dat Clarice nog steeds dezelfde Clarice is.
In het tweede geval was dat wel nodig want Clarice (Julianne Moore) is Wittekerkegewijs van gedaante veranderd. Ze heeft een ander gezicht, heeft plots rost haar gekregen en haar zuiders accent is ook op wonderbaarlijke wijze verdwenen.
En haar karakter is veranderd. In TSOTL vloeide 50% van Hannibals angstaanjagende kwaadaardigheid voort uit het personage van Clarice Starling, gespeeld door Jodie Foster. Pas afgestudeerd, totaal onder de indruk van de omstandigheden en van Hannibal, angstig, nauwelijks in staat iets over zichzelf te vertellen, totaal in zijn macht. In Hannibal is Clarice plotseling de Lara Croft van de FBI geworden met de meeste doden op haar conto. Ze gaat in de clinch met haar collega’s, deelt bevelen uit en toont op geen enkel moment angst. Toen Jodie Foster weigerde had ze gelijk. Maar de filmmakers hadden geen gelijk alsnog met hun sequelplannen door te gaan.

En Mister Anthony Hopkins: what is wrong with you? Heb je geld te weinig of zo? De man kan natuurlijk wel heel goed acteren maar het script dat ze hem in handen hebben geduwd leidde onvermijdelijk tot een karikatuur van zijn personage. Op geen enkel moment was Hannibal Lecter écht angstaanjagend zoals hij in Silence of the Lambs ook was, enkel en alleen door subtiele suggestie van waartoe die man in staat is: zijn hyperbeveiligde cel, zijn masker, zijn psychologische visie. Niks geen subtiliteit in Hannibal. Geen woorden maar daden. Voorspelbare daden. Smakeloos, op het randje van de kitsch.

De Lijn door de stad

clubbus.jpgEn in een stad die weer eens hopeloos verdeeld is tussen groen en blauw, elk in hun combinatie met zwart, kiezen ook de buschauffeurs probleemloos kant. Club won verdiend, Cercle verloor onverdiend in een Olympia dat verdeeld was in een groene en een blauwe helft. Het enige wat er nu nog van overblijft is de sjaal van de buschauffeur die vandaag de heilige maar tegelijk vermaledijde voetbaltempel verschillende keren zal terugzien.

Hoofddoeken zijn tot nader order toch nog altijd verboden voor wie openbare diensten wil verschaffen. Dat is voor discussie vatbaar aangezien voor ons voetballiefhebbers, dit spelletje en onze club/vereniging niks minder dan een religie is.

Here we go!!

Spread the news! De trein heeft het station verlaten, het kindeke is geboren, het startschot is gegeven en de countdown voorbij. Bruggelink, de enige stadsblog die wél een originele naam heeft, staat online.

Alleen hebben we geen pennen genoeg. Als je een goede pen hebt en die graag verslijt dan moest je al lang op deze link geklikt hebben.

Nationale eenheid

Temidden het communautaire debacle wil ik toch even voor een straaltje licht zorgen in het duister dat Vlamingen van Franstaligen scheidt. Ik zat afgelopen weekend in het Jan Breydelstadion voor Club Brugge – STVV.  Ik zat in de spionkop achter het doel waar het er altijd wat heftiger aan toe gaat en in de rust, als het wat kalmer werd, merkte ik plots dat het kleurrijk gezelschap (de betreffende kleuren zijn blauw en zwart) dat naast me zat Frans praatte. Het was een vreemde vaststelling dat er ook Franstaligen naar Club Brugge komen kijken. Het waren een 3-tal mannen en 2 vrouwen, allen met een nagelnieuw shirt van Club Brugge. De vrouwen waren redelijk “gezet”, evenals één van de mannen. Ze zagen er toch typisch Waals uit en ze hadden blijkbaar de tijd van hun leven. Als er gezongen werd keek ik stiekem naar hen om te zien of ze ook meezongen. En inderdaad: met een guitige glimlach om hun lippen zongen ze uit volle borst mee terwijl ze mekaar aankeken met een gezicht dat zei “ik heb geen enkel idee van wat ik hier aan het zingen ben”. Eén van de mannen begreep blijkbaar redelijk goed “Vlaams” want die zorgde regelmatig voor een vertaling. Hij was bijvoorbeeld zo vriendelijk “hoer van sporting!” – onze boodschap voor de scheidsrechter – om te zetten naar het Frans.
Toch hartverwarmend, niet? Dat ook Franstaligen warm lopen voor een uitgesproken Vlaamse club als FCB? Zo zie je maar dat er hier en daar onder de bevolking toch nog zoiets bestaat als nationale eenheid.

Armenwerk

Vandaag mijn eerste jobje opgeknapt voor T-interim: de tent van Benenwerk in het Astrikpark gaan afbreken. Niet de kleine vanvoor, maar die grote vanachter.  Ik kwam er aan op het onmenselijke 8u ’s morgens en de anderen waren er al. Maar onze werkgevers ontbraken. Om kwart na 10 (!!!!) kwamen ze uiteindelijk aangereden met hun vrachtwagen. “File” zogezegd.  Nuja, het was een heus karwei met heel wat gehef, gesleur, deduw en gedraai. We hebben ons goed in het zweet gewerkt en mijn handpalmen zijn weer voorzien van een verse laag eelt. We hebben onbedoeld ook het grasplein omgeploegd met die vorkheftruck (hoewel daarvoor eigenlijk alleen die chauffeur verantwoordelijk is, dus schuif het niet in de schoenen van de arme interimwerkers).  Ga even langs het Astridpark en je zal zien wat ik bedoel. Als iemand ambitie heeft om te zaaien: de preparatie is al gebeurd. Het is alsof er een kudde wilde stieren op is losgelaten.  Stieren met rubberen banden dan.  hm.

Voila, ze zijn weer binnen. En ik ben alweer wat dichter bij die camera.

Nice little wet spot called Bruges

Dit is het radarbeeld van deze morgen tussen 7u en 7u30:

radar

Je ziet duidelijk de douche in de westhoek. Maar kijk eens bij Brugge. Wie niet weet waar Brugge ligt: GA!! NU!! U VERDIENT HET NIET DEZE BLOG TE BEZOEkEN! SCHEEEEEEER JE WEG! Danku.
Dus als je bij Brugge kijkt zie je een paar stipjes, zo ongeveer 3 pixeltjes. Vlák boven de stad (letterlijk erboven dan. Niet ten noorden ervan). En dat precies op het moment dat ik 2 km moest afleggen naar mijn werk. What are the odds?? De voorzienigheid ging nog verder: het begon al 20 minuten eerder, nl. op het moment dat ik de 40 meter naar de brievenbus en terug moest afleggen om halverwege vast te stellen dat de krant er nog niet in zat!! Al vloekend en in de plenzende regen ben ik weer naar binnen gehost.
Tijdens de rit naar het werk had ik een totaal nieuwe ervaring: ik voelde het water over mijn benen stromen ónder de lange pijpen van mijn jeansbroek! 2 keer natgeregend in juli intussen (2 keer in die 2 kilometer naar mijn werk). Dat is al meer dan in januari, februari, maart, april, mei en juni samen. En je kan er – denk ik – december ook nog bijrekenen.

In Uitlaat van de Humo van deze week stond trouwens een opmerking over Frank Deboosere. Hij zou nl. blijven herhalen dat de temperaturen normaal zijn voor de tijd van het jaar. Ik ben blij dat anderen het ook opmerken! Frank heeft duidelijk niet mijn persoonlijke brief aan hem gelezen!!

Schimmel

Ik zit hier weer te schimmelen op mijn werk. Het is nu 23u49 en ik zit achter de receptie van Spermalie in Brugge dat tijdelijk dienst doet als onderkomen voor een zwerm muzikanten van het Festival van Vlaanderen. Alle gasten zijn binnen. Ze zitten op hun kamer, een deel slaapt waarschijnlijk al. Als ik mij omdraai zie ik een groot bord met haakjes dat normaal volhangt met kamersleutels. Maar nu hangen er maar een paar sleutels van kamers waar het slot kapot is of zo. Nog een uur en 10 minuten en dan ga ik mijn slaapzak pakken en naar mijn kotje op de eerste verdieping trekken waar ik de eerste avond een bed gevonden heb dat ik uitgekozen heb als mijn persoonlijk “vertrek”. Dat “kotje” mag je redelijk letterlijk nemen trouwens.
Morgenochtend mag ik om 6u er weer uit om koffie te zetten en de boel hier weer in gang te steken achter de receptie. Om 8u mag ik naar huis. Dat zijn dus maximum 5 uren slaap. Dat is lastig, vooral in het begin. Maar nu went het al. Ik ben elke dag minder moe. Als ik om 9u thuis opnieuw in mijn bed kruip val ik zelfs niet meer in slaap (dat gebeurt later wel als ik naar de koers zit te kijken). Ik zou beter wat verder schrijven aan mijn blogpost over mijn reis die al bijna een week achter de rug ligt. Ja, dat ga ik doen!

Ten slotte nog 2 woorden die bij me opkomen: Cadillac en kersen

Cactusfestival (vervolg)

img_0005-1.jpgToen we zondagmiddag op het festivalterrein aankwamen stelden we vast dat zelfs een beveiligd en omheind Minnewaterpark niet Japanner-vrij was. Er stonden er 10 op het podium te zwaaien met saxofonen, schuiftrompetten (meer schuif dan trompet) en met gebalde vuisten. Het was het Tokyo Ska Paradise Orchestra en die veroorzaakten – zacht uitgedrukt – redelijk veel ambiance. Hun enthousiasme was aanstekelijk en het was alsof elk lid van de band zichzelf frontman waande. Ze renden heen en weer, zwaaiden met hun instrument en sprongen op en neer in een bittere onderlinge strijd om de meeste aandacht. Maar het was zeker niet slecht voor mensen zonder hoofdpijn. Jammer dat ik niet één van die mensen was.

Terwijl we wat lui lagen te wezen op wat eens gras moet geweest zijn trad Ojos De Brujo op. Wat ervan op de folder te lezen stond was aantrekkelijker dan wat ze in werkelijkheid produceerden. Het was nogal rommelig. Er was een soort modern flamengo maar dan zonder ritme en structuur. Ze hadden ook een dj maar die leek meer begaan met het tonen van zijn kunstjes dan met het ondersteunen van de set. Zelfs wie vol goeie wil vlak voor het podium stond en zelfs na het eerste nummer nog steeds het beste ervan wilde maken door eenvoudig mee te klappen, kwam in de problemen. Er víel helemaal niet mee te klappen want er was geen ritme, geen groove, geen constant tempo. Er viel echt geen lijn in te trekken. Net zoals op een fuif met een amateur-dj die te graag zijn mixkunstjes toont en daarom om de haverklap tracks afbreekt om een nieuwe aan te boren. Achter ons probeerden een paar mensen te dansen wat een grappig zicht opleverde. Iets dat het midden houdt tussen de slangbewegingen van de zanger van de Rakes de dag ervoor en de kniezwengel.

De Congos dan. Reggae is wel leuk. Vooral als het mooi weer is. Het is een subjectieve interpretatie maar Raggae is vooral hoormuziek en geen luistermuziek. En zelfs al hoor je het dan kun je het maar zo lang verdragen als je gemoedstoestand toelaat. Het werkt alleen als je je uitstekend voelt en de zon schijnt. En het moet vakantie zijn. Die voorwaarden waren slechts gedeeltelijk ingevuld: op een festival word je eerder gedwongen te luisteren, het weer was niet zo goed en de gemoedstoestand was ongeveer 75% terwijl voor reggae toch wel minstens 80% vereist is. En daarbij: ik kan de geur van wiet niet verdragen. Telkens een reggaegroep optreedt verandert het festivalterrein in een open haard en gaan de rookdetectoren in het naburig hotel af.
Na 40 minuten luisterplezier treedt er een bepaald gevoel op dat ik niet kon plaatsen tot Griet het heel treffend beschreef tijdens Horace Andy de dag ervoor. Het “tijdsvacuüm”. Door het monotoon ritme, de monotone melodieën, het monotone stemgeluid, en de monotone beweging van de mensenmassa (er is blijkbaar maar één manier om te dansen op reggae waar totaal niet van af te wijken valt), begint alles te vervagen. Je hoort enkel nog die muziek en die bassen, je zit in dat gras, je doet niks en je hebt niks te doen. Als je dan vergelijkt met de voorgaande weken van examenstress dan is het besef van het tijdsvacuüm plots heel groot. Het tijdsvacuüm heeft ook zijn positieve kanten. Je kan je beter concentreren op hetgeen je doet, áls je tenminste iets aan het doen bent. Studeren bijvoorbeeld. Maar over studeermuziek heb ik al genoeg verteld de laatste tijd. De Congos klonken beter dan Horace Andy in de zin dat het minder lichtvoetig was. Maar het tijdsvacuüm was onvermijdelijk. Vooral als je in tussentijd een Zweedse puzzel aan het oplossen bent.

O, heren van Buffalo Tom, ik bewonder jullie mateloos! En tegelijk vind ik jullie ook maar niks. Ik bewonder jullie omdat jullie met zoveel begeestering op dat podium staan, zoveel enthousiasme, en omdat jullie écht kunnen zingen. Maar ik vind jullie muziek maar niks. Ik ben niet zo voor die platte rock die alleen rock is om rock te zijn. Je weet wel: gitaar, basgitaar en drum, veel gejump en veel passioneel gedoe, de behandeling van de micro alsof het een laatste houvast is boven een diepe afgrond. Het dóet mij niks meer. Ik mis iets in die muziek: een originele rif, een catchy refrein, een bepaald motief, een aanstekelijke bass, een trigger die het haar op mijn armen laat rechtstaan. Maar dat was er niet bij jullie. De songs die jullie zongen klonken hemeltergend gewoon en oppervlakkig en jullie waren zelf ook hemeltergend gewoon en oppervlakkig. Waarom keek ik naar het podium? Geen idee want er was niks te zien buiten 3 mannen in T-shirt en jeansbroek. Maar goed dat jullie het deels compenseerden door jullie enthousiasme. Maar visueel was er niks aan. Jullie probeerden het publiek mee te krijgen maar dat lukte niet echt. Het deed me aan Elvis Costello denken, maar die heeft tenminste nog zijn pianist die een groot showgehalte heeft. Ik heb er een term voor gevonden: mannenmeteenmidlifecrisisrock. De recensent van De Morgen is blijkbaar zo’n man want hij gaf Buffalo Tom 4 sterren.

De ander Tom dan maar. Tom McRae that is. Grappige Brit. Goed in het bespelen van zijn publiek en van zijn gitaar. Mooie tedere nummers. Allemaal goed en wel, ware het niet dat er een aantal downsides zijn aan zijn optreden. De belangrijkste daarvan is dat je na een uur zin krijgt om jezelf van kant te maken. My God, wat was dat depressing op den duur. Wat moet die man een ellendig leven hebben! Er was ook iets tekort op het podium. In het midden stond McRae met zijn gitaar, rechts van hem een pianist en links een cellist. Geen drummer dus. En dat was er tekort aan. Misschien zijn de originele nummers ook zonder drum, maar als je ze live opvoert mét drum dan verras je tenminste nog een beetje en je geeft jezelf de ruggegraat die je nodig hebt als je op een festival optreedt. Dat had Gotan Project goed begrepen want die hebben een vette bas onder hun nummers geschoven die normaal geen vette bas hebben. De leemte werd door McRae zelf nog eens goed in de verf gezet toen hij uit armoede op de klankkast van zijn gitaar begon te tokken. Niettemin mooie nummers. Maar na een uur heb je er wel genoeg van. Ik toch.

Gabriel Rios was zoals verwacht: zichzelf. De X-factor spatte van het podium terwijl de meisjes rond me zowat een zenuwinzinking kregen. Het is altijd weer een totaalspectakel, die Rios. Hij heeft een goed bezette band achter hem staan, bestaande uit 6 man (waaronder één vrouw), hemzelf niet meegerekend. Elk afzonderlijk doen die bandleden niet zoveel. Niemand eist echt de aandacht op, en in zekere zin Rios zelf ook niet. Hij gaat nooit hartstochtelijk aan zijn micro hangen, gaat niet op en neer springen, gaat headbangen. Hij blijft altijd heel koel. Een soort koelheid die heel warm aandoet tegen de achtergrond van zijn muziek. Ik weet niet of het een rol is die hij speelt, of dat hij echt zichzelf is, maar hij bevestigt wel het clichébeeld van een Don Juan.
Afzonderlijk eist er dus niemand vanachter Rios’ rug dus echt de aandacht op, maar ze zijn wel heel goed op elkaar ingespeeld. Het totaalgeluid was overweldigend, en heel erg afgelikt. Als ik zeg dat Gabriel Rios was zoals verwacht, dan bedoel ik dat positief. Heel positief. Verwachtingen ingelost dus.
Tot slot nog één opmerking tot de mensen die rechts vooraan stonden: ik hoop dat jullie je geamuseerd hebben met die irritante blauwe ballon.

De Vlammende lippen dan. De beste omschrijving is: hahaha. Grappig gezelschap. Hij kwam ten tonele in een reusachtige opgeblazen ballon waarmee hij over het publiek rolde. Op het podium: figuren die variëren van Spiderman tot losgeslagen kerstmannen. Maar wat doen die kerstmannen daar? Nee, het is geen retorische vraag. Wat déden die daar in godsnaam? Deel van de show, meneer. Maar waarom moet er show zijn? Om de totale ervaring en muziekbeleving te vergroten meneer. Maar op welke manier vergroten kerstmannen de ervaring en muziekbeleving? Geen idee meneer.
Honderden laserlichtjes (waar kwamen die vandaan?), díe vergrootten de beleving in zekere zin. Vraag me niet hoe dat komt, maar geef toe dat het toch een “waauw-effect” oproept. Positief trouwens dat zanger Wayne Coyne niet te beroerd was wél een opmerking te maken over die laserlichtjes en zelfs opriep hem ermee te beschijnen. Dit in tegenstelling tot Rios die deed alsof hij niet merkte dat er een rode straal zijn iris aan het verbranden was. Kerstmannen roepen geen “waauw-effect” op, maar een “wtf?-effect”. Ook de opgeblazen ballon vergrootte de beleving want die riep een “omg-effect” op. De kerstmannen waren dus pure kitsch en die mogen voor mijn part dus weggelaten worden tijdens rockconcerten. Eigenlijk mogen kerstmannen in het algemeen ook weggelaten worden. De muziek van Flaming Lips is niet direct mijn genre. Ik vind het niet slecht maar ik zal er ook nooit geld uitgeven voor een cd of één van hun concerten. Maar door een opeenvolging van “waauw”- en “omg”-effecten namen ze een goeie start. Zo goed zelfs dat we opveerden en op de banken gingen staan om het beter te kunnen zien. Het showgehalte in combinatie met één van hun bekendste nummers als opener zorgde ervoor dat we even bleven plakken. Maar de lijm begon hoe langer hoe meer te lossen. Dat had niet zozeer te maken met het optreden zelf, dat verrassend leuk en fris was, maar wel met onze benen die begonnen te protesteren. Na een half uur hielden we het dus voor bekeken en beluisterd.

Balans: leuke tweedagse beleefd. En als ik te kritisch overkom: ik bedoel het niet zo. Het is nu eenmaal gemakkelijker iets interessants te schrijven over groepen die je slecht vond dan over groepen die je goed vond. In het tweede geval ga je al snel slijmerig overkomen.

Cactusfestival



Vandaag de tweede dag van het Cactusfestival. Voor mij de eerste. Het weer was perfect, de muziek min of meer (afhankelijk van de bard op het podium). De bards der barden waren Gotan Project die er een mooie show van maakten. Jammer dat het begin (Differente) de mist in ging wegens technische problemen met de bandoneon. Die was inderdaad nauwelijks hoorbaar en ik had de indruk dat de muzikant noodgedwongen een alternatief moest spelen om boven de rest uit te kunnen komen (ik kan verkeerd zijn). Tijdens en na het nummer is een roadie herhaaldelijk komen sleutelen aan het instrument en van dan af liep alles op wieltjes. Hoewel het Argentijns-Frans gezelschap, gekleed in maagdelijk witte pakken, weinig moeite deed om contact te leggen met het publiek, slaagden ze er toch in dat publiek volledig naar hun hand te zetten. En toen Mi Confesion door het park gejaagd werd, hadden ze het publiek zo ongeveer rondom hun pink gewonden. De groep straalde warmte en passie uit, en bindteksten zouden storend geweest zijn. Die lieten ze dus gelukkig achterwege tot op het einde toen ze zichzelf voorstelden, en helemaal op het einde, toen ze afscheid namen. Veel nummers kregen een extra beat onder hun, toch al solide, basis geschoven en dat maakte de live-ervaring des te beter. Met een reproductie van een cd ben je tenslotte niks.

Ozark Henry is al een tijdje niet meer de frisse en hippe artiest die hij 6 jaar geleden was met Birthmarks dus na Gotan Project hielden we het voor bekeken. De wind zit blijkbaar goed want ik hoor de dreunende bass en de scherpe stem van Piet Goddaer tot in de achtertuin.

Morgen laatste dag. Ik kijk vooral uit naar Tom McRae (omdat ik hem niet goed ken) en naar Gabriel Rios (niet voor zijn looks maar omdat hij live best de moeite is). Wat ik ken van de Flaming Lips vind ik niet zo bijzonder maar misschien weten ze te verrassen.

Black Holes, no revelations

Mijn bureau ligt nog vol papieren, boeken en andere rommel. De RSI verdwijnt uit mijn armen (het was echt erg! Heel mijn hand sloeg aan het tintelen op den duur). En nu de examenmist begint op te trekken krijg ik pas goed zicht op waarin ik me bevind. Het is groot, zwart en leeg. Het is het Zwarte Gat. Het komt wanneer iets dat je totaal opslorpte, plots verdwijnt. Bijvoorbeeld:
Je  komt terug van een lange reis (factor 1)
Het einde van de examens (factor 2)
Je bent opnieuw single (factor 3)
Je komt terug thuis na lang in het buitenland gezeten te hebben, bijvoorbeeld voor erasmus (factor 4)

Ik heb ze allemaal meegemaakt en nu zit ik in Zwart Gat factor 2. Maar het is een ferme 2. De ene dag nog vol stress en pagina’s aftellen en de dag erop word je wakker en denk je “aaaaaaaaait, what’s next?”. Ik wist dat het zou gebeuren. Ik heb me er zelfs op voorbereid: de boeken lagen klaar, ik heb zelfs een lijst van films die ik wil zien, mensen die ik wil ontmoeten en dingen waar ik naartoe wil.  Maar op één of andere manier is dat niet voldoende. Als de dag voorbij is heb je het gevoel dat het een nutteloze dag geweest is, want je hebt niks zinvols gedaan. Over een week of zo zal me dat geen lor meer kunnen schelen en ga ik in mijn vakantieritme komen maar nu is het vreselijk stresserend…..contradictorisch genoeg.  En waarom moet dat nu weer regenen? Wat is dat nu voor zever??

Als er suggesties zijn over nuttige bezigheden, laat maar weten.