En terwijl ik zo bezig was, dacht ik: “In werkelijkheid is een wallpaper toch veel indrukwekkender!”

Een week geleden werd ik ’s morgens gewekt door een sms van mijn neef: “François :(“. En dat was alles.
“Twee mogelijkheden”, dacht ik bij mezelf. “Ofwel is hij geblesseerd, of hij heeft een transfer beet. Ik ga s traks wel even kijken op teletekst, maar eerst wil ik nog het nieuws meepikken over de strijd tussen Obama en Clinton op CNN.

Toen ik daarna naar Teletekst ging en het woord “overleden” las, viel ik bijna uit mijn bed. Het was zo onwaarschijnlijk, zo ondenkbaar, zo….onverwacht. Ik kon de rest van de dag maar aan één ding denken. Het werk aan mijn thesis bleef beperkt tot 1 bladzijde. En ik speelde alleen maar Bitter Sweet Symphony.

Wat vreemd dat, hoewel je hem niet persoonlijk kent, en hij nog maar een jaar in Brugge speelde, je toch zo van je stuk bent door zijn overlijden.

Over de doden niks dan goeds, jaja. Maar in zijn geval komt het heus niet uit de lucht gevallen. Een stadion met 26000 huilende mensen vormt daar het levende bewijs voor. Zijn ploegmaats, die nog maar één jaar met hem samen speelden, zaten er praktisch volledig door van verdriet. Ik zat naast de spelerstunnel tranen te verbijten terwijl ik fotografen, stewards, cameramensen en spelers van Westerlo met de rug van hun hand over hun ogen zag wrijven. Een jaar ouder dan ik. Het is niet eerlijk.

Sinds gisteren domineert hij de muur van mijn kot:

Met dank aan de rasterbator.

Woede

Woede….. Ik denk dat het een gevoel is dat voornamelijk veroorzaakt wordt door machteloosheid, en machteloosheid veroorzaakt frustratie. Een situatie die je niet kunt veranderen terwijl je dat heel graag zou willen. Bij verdriet geldt dat ook, maar woede….dat is nog een trap hoger. Bij woede komt daar nog bij dat die situatie waarin je je bevindt, je treft in je zwakste plek. De plek die je je heel erg aantrekt omdat het een deel vormt van je persoonlijke trots, je identiteit. Daar komt woede vandaan.

Ik voel woede, op dit eigenste moment. Het bruist en het kookt ter hoogte van het putje tussen mijn sleutelbeenderen. Mijn tolerantieniveau is enorm laag, mijn hartslag is hoog en onregelmatig en mijn handen zweten. Je wilt het eruit krijgen, het vastgrijpen en met één welgemikte worp kapotgooien tegen de muur. Maar dat lukt niet, dus zoek je naar iets anders om mee te gooien. Maar afreageren helpt niet. Afreageren maakt het nog erger want daarmee zweep je jezelf alleen verder op.

Wat wel kan helpen is stoïcijns blijven en relativeren. Jezelf wijsmaken dat het je niet kan schelen en iets zoeken om je aandacht af te leiden van dat gevoel, die kracht in je binnenste, die zo moeilijk te controleren is en tegelijk zo instabiel. Diep in- en uitademen. Jezelf vanalles wijsmaken. Uiteindelijk gaan slapen en de volgende dag jezelf afschermen van elke herinnering “daaraan”. Geen kranten, geen televisie, geen radio, niks.

Alleen sportliefhebbers mogen vanaf hier verder lezen. De rest zal het toch niet begrijpen.

*Diepe zucht*.  Op 12 april ga ik naar Club-Cercle, en ondanks alles zal ik mijn Club ondersteunen, want ik, ik ben géén successupporter.

Hartverwarmend!

Wat een hartverwarmende dag vandaag. Heerlijk gewoon!

Dat de dokter me deze morgen, na minstens een uur duimdraaiend wachten in een klein hokje, vertelde dat ik nog een lang en gelukkig leven zal leiden en daarvan slechts 1 uur per jaar zal moeten besteden aan duimdraaien en wachten in dat kleine hokje voor een nieuwe check-up, en maar één dag per jaar mezelf opnieuw moet laten volplakken, was nog maar het begin.

Ik kreeg de kans om nog de les van deze namiddag mee te pikken, zodat ik toch nog íets van de lessen van deze week meekreeg. Na een vrolijke fietsrit in de ijskoude wind en plakkerige mist kwam ik welgeteld 10 seconden te laat om de trein te halen. Die had ik onderweg verloren toen ik merkte dat ik geen zakdoek bijhad en mijn neus gelijkenissen begon te vertonen met de Niagara-watervallen. Pragmatisch als ik ben, sprong ik een winkel binnen om een pak papieren zakdoeken te kopen. Dat was bepaald een hachelijke onderneming: betalen en tegelijk het snot onder controle proberen te houden.

Volgend hartverwarmend moment was in de trein. In de wagon waar ik zat kwam namelijk op een gegeven moment Joos Valgaeren binnen, ex-Rode Duivel, ex-speler van Celtic en momenteel bij Club Brugge. Bij de Club, dat betekent dat je een Mercedes krijgt van de sponsor. Toch zat Joos Valgaeren deze middag op een overvolle trein van de kust naar Tongeren, een normaal mens te wezen. Chocomelkske drinkend, sudoku oplossend (dit kan ik echter niet bevestigen. Het kan ook een kruiswoordraadsel, een woordzoeker of zijn testament geweest zijn) en daarna vredig slapend voor de rest van de tijd.
Trouwens: aan het meisje dat mij de hele tijd zat aan te staren: ik heb het wel gezien! Tot zover, Valentijn 2008.

Belgische treinen, er valt altijd wel wat te beleven. De avonturen die een mens meemaakt op die dingen, altijd weer gesprekstof voor wanneer er onaangename stiltes vallen. Soms (lees: meestal) staan ze één of meerdere keren op onverklaarbare wijze stil, ergens midden te velde. Geen mens weet waarom, en blijkbaar zelfs de conducteurs ook niet want ze zeggen nóóit waarom hun dekselse trein weer stil staat. In plaats daarvan wachten ze geduldig tot het spel zich weer in beweging zet. Ik heb een theorie waarin de trein zelf een vorm van intelligentie bezit, een eigen wil. Ik ken anders geen verklaring waarom een voertuig dat niet zonder brandstof kan vallen, dat geen files kent, bij elk kruispunt voorrang heeft en praktisch altijd rechttdoor moet, zou stilstaan.
Ook vandaag: 3 keer stilgestaan. Geen idee waarom.

Op de terugweg: hartverwarming alom! Een vader zat samen met zijn zoontje van pakweg 5 jaar te kijken naar een film op de laptop. Elk met een paar oortjes en het zoontje in vaders armen. De vader: blonde paardenstaart (maar geen marginale paardenstaart) en zoontje lang zwart krulhaar. Het was een film met Jackie Chan. The cuteness!
En dat alles ondanks de NMBS die de hele dag druk in de weer was haar imago verder te verknallen. Opnieuw hadden ze een lumineus idee gekregen. Eerst hadden ze opgezocht welke trein in het spitsuur het meeste volk vervoert. Dat bleek de trein naar Knokke-Blankenberge te zijn zoals gewoonlijk. Deze trein is al eens het slachtoffer geweest van de NMBS-idiotie toen hij vervangen werd door dubbeldektreinen, om het probleem van de overvolle treinen op te vangen. Die dubbeldekkers, je weet wel, dat zijn die treinen waar je je valies het beste op je hoofd kunt balanceren want ergens anders is er geen plaats, en die niet ontkoppeld kunnen worden. Je leest het goed: op de lijn waar de treinen gekoppeld en ontkoppeld moeten worden, hebben ze treinen ingelegd die je niet kúnt ontkoppelen. De volledige trein moet dus verder naar Knokke of Blankenberge, en de reizigers van de ongelukkige gemeente waar de trein níet naartoe rijdt, die moeten maar overstappen op een boemeltrein.
Tot hier toe amateurisme ten top, maar het kan nog erger. Zeg nu zelf: welke gemeente zou u als rationeel verstandig denkend mens kiezen voor die trein, en welke voor de boemeltrein. Ik kan alvast meegeven dat Blankenberge meer inwoners heeft en dat het station in Knokke niet lang genoeg is voor de IC-trein. Ik zal het maar meteen zeggen: ze hebben Knokke gekozen. Lach niet, het is dramatisch voor de Blankenbergse pendelaars. Nee, serieus, lach niet!

Het houdt niet op, het hartverwarmende in de hele kwestie is dat de NMBS een oplossing gevonden heeft voor het probleem. Die oplossing is echter allesbehalve hartverwarmend. Op een dag kwam er een mongool de gebouwen van de NMBS binnen en zei: “maak dan toch gewoon die trein korter!”
“Maar natuurlijk” moet het bestuur van de NMBS toen gedacht hebben, want de trein naar Knokke en Blankenberge was inderdaad een heel stuk korter dan gewoonlijk.
Ik weet niet wat ze daar bij het bestuur van de NMBS tussen hun sigaretten rollen als ze belangrijke beslissingen nemen, maar zo kwam het dat er tussen Brussel en Gent een man van gezegende leeftijd zowat op mijn schoot zat. Langs zijn zilvergrijze kapsel kon ik een glimp opvangen van de man die met zijn zoontje naar een film aan het kijken was.

In Brugge bleek mijn fiets verdwenen te zijn. Ik had hem die middag haastig tegen het hekken geplaatst naast de fietsenstalling omdat ik mijn trein moest halen. En dat mag blijkbaar niet. De fietsen moeten in het fietsrek staan. “Op politiebevel!”, aldus de fietsverantwoordelijke die mij naar de plek bracht waar ze mijn fiets gezet hadden. Die plek bleek gewoon het fietsrek te zijn (n.b.: een fiets zoeken in de fietsrekken voor het station, zonder een clue te hebben waar hij ongeveer zou kunnen staan, dat is onbegonnen werk). Ik zoek nog altijd een reden waarom een fiets niet tegen dat hek mag staan. Schade aan het hek? Onzin. Hinder voor het verkeer? Onzin. Onveilig? Onzin. De flikken in Brugge hebben niks beters te doen? Waarschijnlijk.

Eind goed, al goed, op deze heuglijke 14de februari. De NMBS heeft hun probleem van de overvolle treinen kunnen oplossen door dubbeldektreinen in te leggen en deze vervolgens in te korten om in het station van Knokke te passen zodat de Blankenbergenaars hun geliefde boemeltrein kunnen nemen (wat een mooi gebaar! Hartverwarmend zowaar!). Ik kan nog lang van dit fantastische en uitermate boeiende leven genieten en er evenveel over bloggen; en ik ben op het einde van deze dag thuis geraakt (en dat vind ik een hele prestatie).

Powered by ScribeFire.

De Lijn door de stad

clubbus.jpgEn in een stad die weer eens hopeloos verdeeld is tussen groen en blauw, elk in hun combinatie met zwart, kiezen ook de buschauffeurs probleemloos kant. Club won verdiend, Cercle verloor onverdiend in een Olympia dat verdeeld was in een groene en een blauwe helft. Het enige wat er nu nog van overblijft is de sjaal van de buschauffeur die vandaag de heilige maar tegelijk vermaledijde voetbaltempel verschillende keren zal terugzien.

Hoofddoeken zijn tot nader order toch nog altijd verboden voor wie openbare diensten wil verschaffen. Dat is voor discussie vatbaar aangezien voor ons voetballiefhebbers, dit spelletje en onze club/vereniging niks minder dan een religie is.

Nationale eenheid

Temidden het communautaire debacle wil ik toch even voor een straaltje licht zorgen in het duister dat Vlamingen van Franstaligen scheidt. Ik zat afgelopen weekend in het Jan Breydelstadion voor Club Brugge – STVV.  Ik zat in de spionkop achter het doel waar het er altijd wat heftiger aan toe gaat en in de rust, als het wat kalmer werd, merkte ik plots dat het kleurrijk gezelschap (de betreffende kleuren zijn blauw en zwart) dat naast me zat Frans praatte. Het was een vreemde vaststelling dat er ook Franstaligen naar Club Brugge komen kijken. Het waren een 3-tal mannen en 2 vrouwen, allen met een nagelnieuw shirt van Club Brugge. De vrouwen waren redelijk “gezet”, evenals één van de mannen. Ze zagen er toch typisch Waals uit en ze hadden blijkbaar de tijd van hun leven. Als er gezongen werd keek ik stiekem naar hen om te zien of ze ook meezongen. En inderdaad: met een guitige glimlach om hun lippen zongen ze uit volle borst mee terwijl ze mekaar aankeken met een gezicht dat zei “ik heb geen enkel idee van wat ik hier aan het zingen ben”. Eén van de mannen begreep blijkbaar redelijk goed “Vlaams” want die zorgde regelmatig voor een vertaling. Hij was bijvoorbeeld zo vriendelijk “hoer van sporting!” – onze boodschap voor de scheidsrechter – om te zetten naar het Frans.
Toch hartverwarmend, niet? Dat ook Franstaligen warm lopen voor een uitgesproken Vlaamse club als FCB? Zo zie je maar dat er hier en daar onder de bevolking toch nog zoiets bestaat als nationale eenheid.

Bekerfinale 2007

Het was zwaar! Vooral als je de volgende dag vroeg moet opstaan. Maar het was die 20 euro meer dan waard! Ik heb een positieve en een negatieve ervaring vastgelegd (op film): de rellen voor de match waarbij de politie naar mijn mening te drastisch optrad en in het midden van de massa traangas gebruikte (er waren ook (meestal) vredelievende supporters in de buurt waaronder kinderen). Ik heb het moment van de “charge” gefilmd maar ben uiteindelijk weggelopen toen ik het gas binnenkreeg.

Het positieve was natuurlijk de match zelf. Enorm veel sfeer en ambiance bij de club-supporters. Mijn stem was de rest van de avond weer eens K.O. Dit is het moment vlak na affluiten:

En nu terug concentreren op studeren (E.U.). Geen makkelijke opgave!

Club Brugge – AA Gent

Voor ik het vergeet: dinsdagavond heb ik ook een nuttige bezigheid gevonden. Speciaal voor de halve finale van de Beker van België naar Brugge gekomen (naar huis dus), en ondertussen ook mijn vermaledijde laptop binnengebracht. In de rode cirkel kun je mijn kop zien. Ondertussen deed Herpoel zijn onmogelijke en heel gelukkige redding. Uitstel van executie.

Club Brugge - AA Gent