Every start has an end

Als ik ergens aan begin dan moet ik het ook volledig afmaken. Dat is één van mijn neuroses. Die eigenschap is dermate nuttig dat ik hem wel eens in sollicitatiebrieven durf aan te halen. Wat ik er niet bij vermeld is dat ik eigenlijk heel erg veel dingen begin. En die zijn niet allemaal even nuttig. Nogal wat dingen neigen naar het obsessioneel perfectionistische. Vraag me niet waarom al mijn cd’srecht in hun doosje zitten (zodat je direct kunt lezen wat erop staat), maar het is wel het geval. Ja, natuurlijk staan ze alfabetisch. En natuurlijk staat de stripcollectie uit mijn jonge jaren al sinds jaar en dag nummeriek geordend. Maar vraag me nu niet waarom ze van rechts naar links staan en niet omgekeerd. Eerste Jommeke rechts onderaan? De jacht op een voetbal!

We dwalen af. Waar was ik?

3 dagen geleden begon ik mijn Jordanië-foto’s te bewerken in Lightroom. Geen grote veranderingen: wat meer licht, wat minder licht, wat knippen, recht maken, dat soort dingen. Dat zou snel kunnen gaan, ware het niet dat LR het zwaarste programma is waar ik ooit mee gewerkt heb (minstens 10 kilo). Een foto “loaden” kost een halve minuut (ik heb het getimed!), af en toe loopt hij eens vast, en elke bewerking vindt met een seconde vertraging plaats.

“Loaden”, vraag je je af? Wel, dat is het proces waarbij de foto van blurry naar scherp gaat + nog eens 20 seconden dat het woord “loading” daar blijft staan, God knows why. Awel ja, een beetje zoals de Belgische treinen inderdaad. Die blijven ook soms staan zonder dat je weet waarom (dat de bestuurder naar het kleine kamertje moet, is de meest logische verklaring die ik tot dusver heb kunnen bedenken).

Ik begon met 1000 foto’s, waarvan na selectie 700 overbleven. 700 keer een halve minuut, dat zijn 350 minuten. 4u en 10 minuten waarbij een foto “laadt” en ik nagelbijtend met mijn duimen zit te draaien (probeer dat maar eens) (en doe dat nu eens 4u lang). Als hij “laadt”, dan kun je er nog niks aan wijzigen. Probeer je dat toch (zoals ik), dan blokkeert LR en moet je 3 minuten wachten tot de zandloper weg is. Zo’n dingen leer ik niet snel. Ik heb minstens 700 zandlopers zien passeren.
Als je wil terugkeren naar een foto die al eens “geladen” is, dan moet hij helemaal opnieuw “laden”. Een tijdelijk geheugen? Dat kent hij blijkbaar niet, of ik heb die instelling nog niet gevonden in de eindeloze donkere put der LR-opties.

Enfin, na 2 dagen was ik er eindelijk mee klaar. Vervolgens wilde ik de EXIF-data van de foto’s opvragen om de zgn. ‘metadata’ in te vullen (zoals tijdstip waarop de foto genomen is). Als dat is gebeurd merk ik plots dat al mijn bewerkingen verloren zijn gegaan. Elke foto is gereset naar zijn originele vorm. Les geleerd: ook al zijn ‘development settings’ en ‘metadata’ twee verschillende items in het menu, toch kan een wijziging in het ene de instellingen van het andere beïnvloeden.
Als ik geen neurose had gehad, dan zou ik foert gezegd hebben. Too bad voor mezelf. Ik bijt even op mijn lip, vloek een paar keer hardgrondig en gisterenmorgen ben ik opnieuw begonnen. Deze keer ging het sneller want na nog een schifting hield ik 500 foto’s over. In één dag heb ik de klus geklaard en nu zijn ze allemaal in een verkleinde vorm geëxporteerd naar mijn harde schijf. Een paar handjesvol staat zelfs al op Flickr.

De volgende post is een reisverslag dat ik nu in één ruk zal schrijven.

Advertenties

Crisis

Het is de schuld van het land. Van de instituties. Niet van de Vlamingen of de Walen of de Brusselaars of de begijntjes of de konijntjes. Zo, dat is dat. Dat is het belangrijkste wat ik erover wilde zeggen. Hieronder ga ik even zeggen waarom ik dat denk (alhoewel, als ik pretentieus ben zeg ik gewoon dat het zo ís).

Hoezeer ik de provincialen van de CD&V en de NVA ook veracht, hoe idioot hun ideeën ook zijn, toch is het niet hun schuld dat het land in crisis is. En hoe koppig die Franstaligen ook zijn, en hoe vastgeroest hun visie ook is, en hoe stereotiep ze de Vlamingen ook afschilderen, het is evenmin hun schuld.

Je kunt de beide partijen moeilijk verwijten dat ze het spel spelen volgens de regels. En het zijn die regels die niet deugen. Welke regels? On avant:

Federale en deelstaatverkiezingen vallen niet meer samen: je kunt niet verwachten dat partijen toegevingen gaan doen als er volgend jaar opnieuw Vlaamse verkiezingen zijn. Dat is de logica zelve.

Er is geen kieskring die het hele land omvat. Gevolg: alleen Franstaligen kunnen op Franstalige partijen stemmen en alleen Vlamingen kunnen op Vlaamse partijen stemmen. En waarom zou je rekening houden met de vragen en behoeften van een bevolkingsgroep waar je toch nooit stemmen zal kunnen rapen? Je krijgt dus twee kampen die argumenten bouwen met twee totaal verschillende achterbannen in het achterhoofd. Het parlement is geen federaal parlement, dat is een Vlaams parlement en een Franstalig parlement dat samen wordt gezet. Idem voor de regering. Als de CD&V een deel van hun stemmen aan de andere kant van de taalgrens zou moeten halen zou het wel twee keer nadenken voor ze een grote bek optrekken over een staatshervorming. Zolang er geen federale kieskring is (wat in andere federaties gangbaar is) zal daar niks aan veranderen.

Dus: ik ben voor een staatshervorming. En wel in de vorm van een federale kieskring en het samenvallen van verkiezingen. Dat zou een heleboel problemen oplossen. Jammergenoeg is CD&V-NVA er natuurlijk niet voor te vinden. Daar hebben ze geen rationele argumenten voor (aparte verkiezingen onderstrepen het verschil tussen de federale staat en de deelstaat, en een federale kieskring is voor Dewever al helemaal niet bespreekbaar want federaal=slecht want federaal=onwerkbaar. Zoek daar zelf maar eens de logica achter. Nochtans heeft Bartje gestudeerd.). Als de verkiezingen in de deelstaten samenvallen met de federale verkiezingen is het bovendien ook gedaan met de ridicule verhuis waarbij leden van het Vlaams parlement en de Vlaamse regering schaamteloos deelnemen aan de federale verkiezingen, alsof ze zelf de point van een federale staat niet doorhebben. België heeft nog veel te leren op dat vlak.

Inertia

De wolken ruimen plaats en de zon vult het terras. Ik neem een boek – Terug in Amerika van Bill Bryson (Nederlandstalige versie van A Walk in the Woods) – en nestel me in een ligstoel en begin te lezen.

Ondanks zijn massiviteit is een boom een opmerkelijk kwetsbaar ding. Zijn hele interne leven hangt af van drie papierdunne wefsellagen, het floëem, het xyleem en het cambium, vlak onder de schors, die samen een vochtige mantel rond het dode kernhout vormen.

Biologische stuff, misschien weet mijn broer dat ook. Ik kan het altijd eens vragen. Mijn broer is nog op kamp maar morgen komt hij terug, en overmorgen vertrekt hij alweer naar het zuiden van Frankrijk, naar zijn lief. Ze had hem voorgesteld een poging te doen de Ventoux te bedwingen per fiets.
“Kukik da nie” was zijn reactie. De Ventoux is 21km lang en stijgt gemiddeld 7 à 8 procent. Dat is zwaar, zeker zonder te stoppen. In de buurt van Brugge is er niks waarmee je dat kunt vergelijken. De enige helling hier is de Katelijnebrug en die stijgt 16 procent over 100 meter of zo. Daar gaat nooit een koers over. Bij de start van de Ronde van Vlaanderen laten ze dergelijke klimmetjes bewust achterwege en sturen ze de renners erlangs i.p.v. erover. Die laatste beklimming in de Touretappe van vandaag, dat was zo’n korte snedige. Voor ons is dat eigenlijk een voetnoot, dat colletje. Maar voor de mensen die er op of naast wonen moet het een hele belevenis zijn. Hun colletje in de internationale belangstelling! De eer!

Een wolk schuift voor de zon, een windvlaag gaat door het gebladerde en plotseling hoor ik, alsof het bij de buren was, het Cactusfestival. Ik spits mijn oren maar hoor verder niks meer. De zon komt terug.

Al wordt een boom nog zo hoog, hij is niet meer dan een paar pond levende cellen, een dunne laag tussen wortel en kroon.

En zo lees ik verder. Langzaam. Heel langzaam. Mijn eeuwige miserie met lezen, maar ik zou niet zonder kunnen.

De mensen, dat zijn wij!

Onlangs in Ter Zake: Jean-Marie Dedecker op campagne in Benidorm.
Reporter tegenover besnorde marcellekes-dragende man in bruine kroeg: “Gaat u op Dedecker stemmen meneer?”
Marcelleke: (heftig knikkend) “Zolang het maar Vlaams Blok is!”.
Reporter: “Maar Dedecker komt op voor Lijst Dedecker he meneer.”
Marcelleke: (uit zijn lood geslagen) “Ja?….oh….dan stem ik op Lijst Dedecker e menier“.

Jurgen Verstrepen deelt in datzelfde café flyers voor LDD uit. Een vrouw van pakweg 60 neemt geïnteresseerd een flyer aan, bekijkt voor- en achterkant en luistert intussen naar de verkoopspraat van Verstrepen. Ze gaat zichtbaar volledig akkoord met de nonsens die hij vertelt van “wij zijn de goeie en die andere zijn de slechte”. Plots kijkt ze op en vraagt Verstrepen “en waar kunnen we hier stemmen op dat blaadje?”
Verstrepen is even verbouwereerd en antwoordt vervolgens beheerst en met een glimlach: “stemmen doet u in het stemhokje mevrouw. Volgend jaar!”

Ik sla met de afstandsbediening tegen mijn voorhoofd en krimp ineen bij de gedachte dat dat soort mensen mee bepalend is voor het beleid in dit land en dus indirect ook voor mijn eigen leven.

De bende van Dedecker cruiset op een jacht langs de kust van benidorm.
“Wij doen niet mee met goedkope slogans zoals de andere partijen. De mensen dit, de mensen dat: dat is allemaal zever. Wij zijn zélf de mensen!”, kraait Verstrepen.
“Maar voor de rest doen wij niet mee met goedkope slogans hoor”, merkt Dedecker ironisch op. Algemeen gelach.

Ik zeg u: die Dedecker is superintelligent. Spijtig dat hij die intelligentie op z’n West-Vlaams gebruikt: als een commercant ronselt hij stemmen. Alles voor de campagne, niks van opbouwende kritiek.

Te weinig

Oef, ik ben door de feedreader. Het heeft me de hele voormiddag, een stuk van de middag en minstens 5 spareribs op de barbecue gekost, maar ik ben er door. Stel dat ik vandaag nog een goeie blogpost zou willen schrijven, dan kan dat uiteraard na het eten. Daar ga ik pakweg een uur mee bezig zijn. Dan zijn we halfweg de namiddag en heb ik drie kwart van deze dag besteed aan het fenomeen “bloggen”. Het gevolg is dat ik óf naar de Tour kan kijken óf zelf kan gaan fietsen, maar niet allebei.
Ziehier de frustratie van het bloggen. Een mens heeft zoveel te doen, zelfs in de vakantie, dat er te weinig tijd is om te bloggen én de andere dingen te doen die je normaal doet als het niet regent.

Ah, zie, hiermee heb ik een rap blogpostje in elkaar geknutseld dat er voorlopig mee door kan, maar dat het algemene niveau van deze blog naar beneden zal halen. Het is beter dan niks zeker? Damned.

Op avontuur in Lilliput

Uitverkoop in de kledingwinkel. Ik denk: “alleen de extreme maten zullen nog over zijn, dit is mijn kans”. Ik daarnaartoe in de hoop een jeans te vinden in maat 32 met lengtemaat 36. Wat vind ik? Alle 36’s zijn merkwaardig genoeg weg. Waar zijn al die grote mensen dan? Ik kom zelden iemand tegen waar ik tegen kan praten zonder te moeten buigen.
Pech gehad. Ik zoek dan maar nog wat tussen polo’s en t-shirts en pulls en zo, en wat blijkt: alléén xl’s en xxl’s te vinden, en hier en daar een small.

Schoenen! Gisteren vond ik in niet nadergenoemde schoenwinkel een paar schoenen van le Coq Sportif in mijn maat (46). Mijn ma zegt: bij Torfs hebben ze die ook en je broer wil ook (die) schoenen. We gaan daar morgen wel eens kijken (maar no way dat ik met dezelfde schoenen ga rondtjoolen als mijn broer).
De volgende dag (vandaag) bij Torfs…. do I have to proceed? Mijn broer met de alom tegenwoordige maat 44 vindt natuurlijk direct een ander paar dat hem aanstaat. Ik, met de -dacht ik- toch ook redelijk veelvoorkomende maat 46 word geconfronteerd met 1 en een half rekje waar natuurlijk niks vermeldenswaardigs tussen steekt.

Geen nood, denk ik; ik rijd gewoon zelf terug naar de niet nadergenoemde winkel van gisteren en ik pik daar mijn fel gegeerd paar schoenen mee. Ik kom aan in die winkel, ik loop naar de plaats waar….. do I have to proceed? Dit waren ze:

Zoveel ongeluk….. betekent dit dat ik het allemaal heb opgespaard voor vanavond en Rusland gaat winnen? Of gaat de trend zich verderzetten en gaan die Hollanders……  hm?

In Brugge krioelt het trouwens van de Hollanders. Allemaal in Oranje. Allemaal hebben ze er niks beters op gevonden dat in België, voor de neus van de Belgen met hun armtierige Rode Duivels, naar hun nationaal team te gaan kijken. Arch, de arrogantie. Go Rusland. Go wie dan ook die tegen Holland speelt (behalve Duitsland eventueel. Maar in het geval van zo’n finale kan het me al lang niet meer schelen wie wint).

En in Ierland…

Vandaag beslissen de Ieren, dat is dat eilandvolk ten westen van Groot-Brittannië, over de toekomst van de EU. Zij beslissen. Zij alleen. De rest van de EU moet hun bek houden. Naar het schijnt is dat democratie.

Een referendum bogot. Hebben die geen parlement misschien? Ach ja, voor belangrijke zaken moet de directe mening van het volk gevraagd worden. En je kan twee meningen hebben: “voor” of “tegen”. Kilo’s papier, kilometers tekst. “Voor” of “tegen”. Niks daar tussen in. Referenda zijn smeerlapperij.

Je bent dus verondersteld die hele tekst gelezen te hebben, een hele opgave dus. Vooral omdat de Fransen en de Nederlanders de duidelijke versie drie jaar geleden verworpen hebben.

De populisten van het nee-kamp hebben het vuur geopend op de zgn. “president” en de “minister van Buitenlandse Zaken” van de EU. 2 functies die al een eeuwigheid bestaan maar nu duidelijker gescheiden zullen worden om de boel wat helderder te maken voor de burger. Ach ja, wat heeft het voor nut. Er is geen Ier die dit zal lezen, dus kunnen we alleen hopen dat ze verstandig zullen zijn.

Als ze het verdrag de grond in boren….  ja, dan kunnen we er misschien beter mee stoppen. Dan heeft het wellicht niet veel zin om nog langer geld te steken in een structuur die niet efficiënt is. Of we gooien Ierland eruit. Oei, nee, dat gaat niet. De optie om uit de EU te stappen staat in het nieuwe verdrag, en dat moet daarvoor eerst geratificeerd worden. Too bad.