Hans’ visie

Ok, dit is misschien niet zo interessant, maar ik had gezegd dat ik specifiek ging letten op Hans De Clercq en zijn voorspellingen tijdens de Tourrit naar Hautacam. Zogezegd, zogedaan en dus zat ik met een bic en een bladje papier voor de tv, als een echte freak nota te maken van Hans’ vooruitziendheid.

In chronologische volgorde:

Er is een ontsnapping op één van de eerste colletjes van de dag, derde categorie.
Voorspelling: “Als ze bovenkomen met 1′ voorsprong, dan zou het kunnen dat ze 5 à 6′ voorsprong zullen hebben aan de voet van de Tourmalet”.
Uitkomst: het peloton neemt rustig de tijd voor een plaspauze en de bevoorrading. De kopgroep loopt 8’30” uit, De Clercq scoort.

Eén van de renners in de kopgroep is Cancellara van CSC.
Voorspelling: “CSC hoopt waarschijnlijk Cancellara over de Tourmalet te krijgen zodat hij hen van dienst kan zijn in de aanloop naar Hautacam”
Uitkomst: in de aanloop van Hautacam zorgen Voigt en Cancellara voor een verschroeiend tempo zodat de achtervolgende groep niet meer kan terugkeren. De Clercq scoort opnieuw.

Een renner van Agritubel (Bichot) probeert de sprong te maken van het peloton naar de kopgroep.
Voorspelling: “Dit is hopeloos.”
Uitkomst: Bichot komt heel dicht bij de kopgroep (10″ volgens Wuyts, 35″ volgens de GPS), even ziet het ernaar uit dat De Clercq ernaast zat. Uiteindelijk is Bichot er dan toch niet in geslaagd de kloof te dichten. De Clercq blijft op koers.

Voorspelling: “Het zou me niet verwonderen als er een favoriet zou wegspringen in La Mongie (4 kilometer van de top van de Tourmalet). Dit is een uitgelezen moment.”
Uitkomst: er gebeurt niks in La Mongie. Jammer, Hans!

Voorspelling tijdens beklimming van de Tourmalet: “Als er een renner als Ricco ontsnapt zal er waarschijnlijk een CSC-er meegaan”.
Uitkomst: twee renners van Saunier Duval (de ploeg van Ricco) delen een prik uit en simuleren een demarrage. Jens Voigt van CSC volgt onmiddellijk in hun wiel. Puntjes voor De Clercq.

Voorspelling: “Andy Schleck is waarschijnlijk in vorm.”
Uitkomst: not! Andy Schleck gaat er meteen af op de slotklim. Het is zijn broer die uiteindelijk de show steelt.

Voorspelling: “Saunier Duval is waarschijnlijk iets van plan op de Tourmalet. Pionnetjes uitzetten voor een aanval van Ricco bijvoorbeeld.”
Uitkomst: na de prik van Saunier Duval en de reactie van CSC, hebben de eerstgenoemde niets meer ondernomen. Te voorbarig, Hans!

Op de Tourmalet rijdt Di Gregorio weg uit de kopgroep. Hij zal als koploper de slotklim naar Hautacam aanvatten.
Voorspelling: “Di Gregorio gaat de etappe niet winnen. In het dal gaat er misschien een minuut af zodat hij nog 5′ over heeft aan de voet van Hautacam, en dat is te weinig.
Uitkomst: “In het dal rijden Voigt en Cancellara zo hard dat Di Gregorio amper één minuut over heeft als hij de klim aanvat. Het duurt niet lang voor hij gegrepen wordt. Hans had gelijk, maar zijn voorspelling was iets bescheidener dan de werkelijkheid.

De klim naar Hautacam gaat van start.
Voorspelling: “Het zou me niet verwonderen als Ricco al heel vlug gaat aanvallen.”
Uitkomst: De klim is nauwelijks begonnen of Ricco probeert te ontsnappen. Right on, Hans!

Voorspelling: “Als Ricco wegrijdt gaan de klassementsrijders niet laten begaan. Deze keer zullen ze meegaan.”
Uitkomst: Frank Schleck en Cadel Evans gaan zonder probleem mee in Ricco’s demarrage. Ricco houdt op met aanvallen en zakt wat terug. Hij is duidelijk minder goed dan de vorige dag en De Clercq zijn al bij al evidente voorspelling komt uit.

Conclusie: Je kunt zeggen wat je wilt, maar Hans De Clercq sloeg de nagel vaker op de kop dan dat hij kemels schoot. Misschien doe ik eens hetzelfde met De Cauwer. Of toch niet want ik vind het zelf nogal slaapverwekkend.

Och Karl….

Heeft het iets met zijn voornaam te maken? Of is het de gewenning? Is het misschien een gebrek aan talent, zoals bij die andere Karl die eigenlijk Carl heet?

Ondeugende Karl

Niks van dat alles, maar enkel een kwestie van voorkeur. Ik moet Karl Vannieuwkerke niet. Althans niet in zijn praatprogramma Tour 2008. Karl spreekt op een geheimzinnige manier. Alsof alles wat hij zegt tussen ons beiden moet blijven. Hij heeft het fijnste der fijne glimlachjes op zijn mond. Een mond die hij amper durft open doen als hij spreekt. En zijn ogen blinken. Pretlichtjes alsof hij ondeugende dingen aan het vertellen is. Ik krijg er koude rillingen van en voel de neiging om hem iets ruws, iets grofs, iets bijtends toe te schreeuwen zodat hij weer normaal zou doen.

“Michael, hoe heb jij de rit van vandaag beleefd?”
“Wat vind je van de winnaar?”
“Beschrijf eens het gevoel van als eerste over de eindstreep te komen.” *Knipoog* Komaan Michael vertel nog eens over die emoties, die vreugde, die eindeloze triomf, die eindeloze glimlach, jajaaa toon die witte tanden nog maar eens.

Karl, hou op je te gedragen als een klein meisje en wees eens een echte presentator. Probeer eens een gesprek te hebben met je gasten in plaats van er een langgerekt interview van te maken. Hengel niet steeds achter die verdomde clichés en vraag eens iets onvoorspelbaars.

Vroeger was het beter

Ach, die nostalgie, die heroïek, die bikkelharde strijd van man tegen man. Karl krijgt er geen kippenvel van, Karl stelt er zich accordeonmuziek bij voor. Jawel, dát is de Tour voor Karl: accordeons, du pain, du vin, du boursin en coureurs die eigenhandig hun fiets herstellen in de jaren stillekes. Stel je voor! De coureurs moesten zelf hun platte banden verwisselen! Wat een helden waren dat toch! Deelnemers van de Dakar rally die toevallig voor hun tv zitten lachen Karl hartelijk uit. “Een platte band in een Frans dorpje is niet hetzelfde als een opgeblazen motor in de Sahara”, zullen zij je vertellen.

Karl en zijn rode draad

Karl stelt zijn gasten een dozijn vragen die hij allemaal netjes genoteerd heeft. Die vragen hebben geen logische volgorde en Karl vindt het niet nodig er een vorm van overgang tussen te steken. Nee, Karl laat gewoonlijk even zijn adem stokken, één seconde maar, en stelt dan een volgende vraag, met precies dezelfde intonatie als de vorige. Desondanks gaat die vraag over iets compleet anders. Over de ervaringen van Tom Waes bij het Kanaalzwemmen bijvoorbeeld.

“Collega Lieven van Gils is op zoek gegaan naar die smid, en dit…is het resultaat”

“Dit is het resultaat”, dat zegt hij elke dag opnieuw. De “aat” in ‘resultaat’ spreekt hij bijna fluisterend uit. “Dit is het resultaat, maar vertel het niet verder want eigenlijk is het een geheim!!!

[…] (1 seconde waarin Karl even zijn adem inhoudt)

“Michael, heb jij iets opgevangen van de stunts van Tom?”
“Nee, maar hij heeft me er vandaag tot in den treure over verteld.”

Tom Waes lacht ongemakkelijk en zoekt tevergeefs naar een stuk decor om zich achter te verstoppen.

Awkward

Op een kaal plein onder een kaal zeil en onder kale belichting staat een kale grote tafel. Er zitten slechts 3 mensen aan met elk één glas wijn. “Je hebt zeker nog nooit zo snel wijn gedronken, Michael?”, vraagt Karl aan Boogerd, wijzend op diens lege glas dat contrasteert met de 2 nog halfvolle glazen. Net op tijd weerklonk er accordeonmuziek waarbij Karl weer een sprookjesachtig verhaal opdiste over een “mooie” of “lelijke” coureur die 60 jaar geleden de Giro verloor omdat hij een te lange plaspauze had ingelast. Wat een verhaal! Een standbeeld voor de man! Er wordt een grote foto getoond van de vent in kwestie maar hij is zo goed als onherkenbaar door het kikvorsperspectief dat de cameraman inneemt. Voor Boogerd kwam dat shot net op tijd zodat zijn schaamrood niet in beeld kon gebracht worden. Hier zullen nog maanden grapjes over gemaakt worden.

Elders is het beter

Mart Smeets is de Nederlandse collega van Karl. In zijn programma vertelt Mart Smeets en hij laat vertellen. Er ontstaan luchtige en interessante gesprekken, vrij van stille seconden vlak voor de presentator aarzelend een nieuwe vraag stelt. Waarachtige gezelligheid, daar op het terras bij de NOS, een kleine compensatie voor de malaise die de Nederlandse kijker een hele namiddag te verduren heeft gekregen in de vorm van het live-commentaar bij de koers.

Maarten Ducrot: “Het is niet zoals bij de spoorwegen dat je aan een hendel trekt en het plots harder gaat”

Als er zo’n hendel bestaat, dan kunnen we er in België wel één gebruiken.

PS: Gelukwensen… (om niet te zeggen “Kudos”… en dat mag je letterlijk opvatten if you catch my drift)

  • … voor Lieven Van Gils die er elke avond weer in slaagt chique volk aan zijn signeertafel te krijgen,
  • … voor Michel Wuyts en zijn fichebak, voor zijn eindeloze kennis, aangename commentaar en koersinzicht,
  • … voor Hans De Clercq en zijn inside-informatie, zijn gegoochel met cijfers en rankings en zijn dictielessen (zijn Nederlands is al veel verbeterd al is er nog werk aan),

Hans de Clercq: “Ze zien ze nu rijden en dat werkt natuurlijk als een stier op een rode lap.”

  • … voor Karl Vannieuwkerkes commentaar bij tennismatchen, waar zijn gefluister perfect tot zijn recht komt.

Vandaag zal ik Hans De Clercq wat onder de loupe nemen. Eens zien of zijn voorspellingen steek houden.

Te weinig

Oef, ik ben door de feedreader. Het heeft me de hele voormiddag, een stuk van de middag en minstens 5 spareribs op de barbecue gekost, maar ik ben er door. Stel dat ik vandaag nog een goeie blogpost zou willen schrijven, dan kan dat uiteraard na het eten. Daar ga ik pakweg een uur mee bezig zijn. Dan zijn we halfweg de namiddag en heb ik drie kwart van deze dag besteed aan het fenomeen “bloggen”. Het gevolg is dat ik óf naar de Tour kan kijken óf zelf kan gaan fietsen, maar niet allebei.
Ziehier de frustratie van het bloggen. Een mens heeft zoveel te doen, zelfs in de vakantie, dat er te weinig tijd is om te bloggen én de andere dingen te doen die je normaal doet als het niet regent.

Ah, zie, hiermee heb ik een rap blogpostje in elkaar geknutseld dat er voorlopig mee door kan, maar dat het algemene niveau van deze blog naar beneden zal halen. Het is beter dan niks zeker? Damned.

Iker Casillas

Iker Casillas was gisteren de held van Spanje. De 27-jarige doelman stopte twee penalty’s – één meer dan zijn Italiaanse collega – en daarom gaat Spanje naar de halve finale van het EK.

Ziehier één van de weinige zekerheden aan een partij penaltytrappen: in 99% van de gevallen wordt één van de doelmannen tot held verheven. In de overige 1% schiet een Kroaat of David Beckham de bal in de tribune.

Iker Casillas. 27 jaar, maar hij speelt al een eeuwigheid. Degelijke keeper, maar geen uitzonderlijke doelman van het kaliber van Buffon. 2 keer had hij het geluk in de goeie hoek te liggen. Nationale held.

Penalties zijn een loterij. Wie wint op penalties, wint op geluk. Daar valt niks tegen in te brengen. Ik vraag me af of het niet beter zou zijn die spelers een hoop frustratie, stress en slapeloze nachten te besparen, en gewoon een muntstukje op te gooien. Het komt op hetzelfde neer: beide teams hebben even veel kans, voetbaltalent heeft er niks mee te maken.

Als voetballiefhebber zou ik gisteren een voorkeur voor Spanje moeten gehad hebben. Want Spanje “probeerde” tenminste, zo klonk het toch in de commentaren achteraf van Marc Degryse (ex-aanvaller), Emilio Ferrera (Spanjaard), Bob Peeters (aanvaller) en Eddy Snelders (ex-aanvaller). Alleen verdedigers begrijpen de kunst van het verdedigen. En alleen objectieve trainers begrijpen de impact van een goeie tactiek. Ik zat als quasi-neutrale toeschouwer te kijken met een 60-40% voorkeur voor Italië en ik zag Spanje sukkelen om door de witte muur te komen. Slechte passes, oersaai en traag voetbal, de bal ging van de ene kant van het veld naar de andere kant en terug, en ik geeuwde. Italië ving gemakkelijk op en stuurde de bal voorwaarts van zodra ze die had. Veel meer risico, veel meer kracht, een combinatie van techniek, powerplay en tactisch vernuft. Alleen bracht het niet meer gevaar voor het Spaanse doel op dan voor het Italiaanse.
Tegen het einde van de wedstrijd nam Italië meer en meer de controle van de wedstrijd over en bleek Spanje erdoor te zitten. Ook nog eens fysiek de zwakkere. Spanje heeft ballen nodig, zodat ze wat meer durven.

Ik ben niet ontevreden met Spanje in de halve finale. Het werd eigenlijk tijd dat de vedetten van Real, Barcelona, Valencia, en vooral de Engelandgangers iets lieten zien. Italië heeft niet te klagen. Ze mochten al blij zijn met de tweede ronde en daarboven zijn ze ook nog eens wereldkampioen. Die zal altijd een trap hoger staan dan de Europees Kampioen. Wie maalde de afgelopen 4 jaar immers om Griekenland? 2 dagen na Euro 2004 was iedereen die afbraakvoetballers al vergeten.

Toni mocht zelfs geen penalty trappen. Tijdens de match kon je zijn snor zienderogen zien groeien.

Dösis und Piefkes

Wie vanavond een duel op het scherp van de snee wil zien, niet alleen tussen twee voetbalteams maar tussen twee rivaliserende naties altegader, die moet zeker kijken naar de voetbalmatch Oostenrijk-Duitsland.

Als tegenpolen elkaar aantrekken, dan stoten evenpolen elkaar af. Hence, de rivaliteit tussen de Engelsen en de Schotten, de Vlamingen en de Nederlanders, en dus ook de Oostenrijkers en de Duitsers.

Toch is er een verschil: wij lachen met de Nederlanders: ze zijn gek, gierig, excentriek, zien er vreemd uit, spreken vreemd, brouwen bier van het 836ste knoopsgat, om nog maar van die caravans niet te spreken. Maar daar houdt het ook op. De grootste rel sinds 1830 was waarschijnlijk de uitspraak van De Gucht over het uiterlijk van Balkenende.
Oostenrijk en Duitsland gaan een stap verder. Wat ik heb gemerkt tijdens die drie maanden dat ik in Innsbruck heb gestudeerd, is dat Oostenrijkers niet met Duitsers lachen, maar ze uitlachen. Ze háten ze uit de grond van hun hart. Het Duits dat in Duitsland gesproken wordt is niet “grappig”, maar “hautain”. Hun hele cultuur wordt in Oostenrijk als hautain gezien en ze voelen dat de Duitsers hen zien als “die kleine Österreicher”. Dat klinkt bekend.

Overdreven? Misschien. Maar wat dacht je dan van deze cover in de Duitse rioolpers?

Geen hoogvlieger qua originaliteit, maar de Duitsers staan nu ook niet bepaald bekend om hun gevoel voor humor. In Oostenrijk is dat al niet veel beter, hoewel ze zelf overtuigd zijn van wel.

Intussen is het in een echte mediaoorlog ontaard waarin de platte verwensingen in beide richtingen langs de Zugspitze geslingerd worden. De Duitse papierverspilling die zich “Bild” noemt, geeft 20 redenen “warum Ösis Dösis sind”. (Sorry, keine ahnung wat Dösis betekent). Ja waarom eigenlijk? Enkele voorbeelden.

Ösis sind Dösis weil…

3.. sie so schlecht Auto fahren, dass sie auf den Autobahnen ein 130-km/h-Tempolimit brauchen.

4… ihre Flagge rot-weiß-rot ist, damit sie das Ding ja nicht falsch herum aufhängen

6… wir in Berlin bald ein viel größeres und tolleres Riesenrad (185 Meter) haben als das im Wiener Prater (65 Meter).

For the love of God. Dat doet denken aan de moppen die ik altijd tapte toen ik op de lagere school zat. Duitsers die grappig proberen te zijn: scary.

Het Oostenrijkse antwoord kwam snel: “20 Grunde warum Deutsche Piefkes bleiben”. Piefkes is blijkbaar het gebruikelijke scheldwoord waarmee Oostenrijkers Duitsers aanduiden.
Het is al even zielig:

Deutsche bleiben Piefkes weil…

9 .. sie ohne Polen den Ball überhaupt nicht ins Tor reinkriegen (EM – bisher 3 x Lukas Podolski).

8 ..sie in Geilenkirchen (Nordrhein-Westf.), Poppenhausen (Unterfr.) und Petting (Oberbayern) wohnen, ohne irgendwas davon zu spüren.

15 .. sie gern als Touristen fragen: „Wie heißt dieser Berg?“ Wenn ein Einheimischer nachfragt „Wölchener?“, sagen sie „Dankeschön.“

De Oostenrijkse assistent heeft ook laten optekenen dat de Duitsers “hun fifa-ranking in hun gat kunnen steken”, en de Oostenrijkse aanvoerder verklaarde dat “de Duitsers hun broek volschijten van angst”.

Ik kan me niet voorstellen dat de Belgische of Nederlandse pers zoiets zou publiceren naar aanleiding van een voetbalmatch. Zelfs Het Laatste Nieuws niet.

Meer mediaoorlog vind je hier en hier en hier en hier.

“Hij kreeg protest voor geel”

Ik heb enkele korte maar krachtige boodschappen voor de “sportredactie” van VT4.

  • Welk ‘idee’ jullie ook hebben, het mijne is beter.
  • Alles wat Carl Huybrechts doet kan ik beter.
  • Elke mop die Carl tapt: eender wat uit mijn mond komt is grappiger.
  • Alles wat Polspoel (die Wetstraatjournalist) geeft van commentaar, het mijne is beter.
  • Eender welke gast jullie in de studio uitnodigen, ik had een betere gehaald.

Opmerkelijk! Want zij hebben ervoor gestudeerd en ik niet. Daarmee bedoel ik niet dat ik zo briljant ben, daarmee bedoel ik enkel dat die van VT4 amper boven het niveau van de regionale televisie uitstijgen. En met ‘amper’ bedoel ik ‘niet’. Bij VT4 noemen ze Carl, ik citeer, “een vakman”. I rest my case.
Ik ga dus akkoord met Robin: ik ben op z’n zachtst gezegd ook geen fan van Carl. En ja, de verslaggeving van het WK in 2006 was beter, maar op één ding na: Carl.

Een scheepslading of 64 petities tegen een EK met Carl (zoals op Facebook) waren blijkbaar niet voldoende om bij de arme man een belletje te doen rinkelen. Eindeloos geklaag tijdens het voorbije WK over het niveau van de studiogasten was blijkbaar ook niet luid genoeg in Carls oren, en dus krijgen we vanavond en alle avonden gedurende de volgende 3 weken Goedele Liekens voorgeschoteld die komt napraten over – hou je vast – de actualiteit van de dag, die niks met voetbal te maken heeft. Dit is zo onthutsend, schaamtelijk, gênant amateuristisch en infantiel dat ik er nauwelijks woorden voor heb, of wacht, blijkbaar wel. Stel je voor: na het voetbal gaat Carl – Carl!! – praten met Goedele Liekens – Goedele Liekens!! – over de actualiteit van de dag – de actualiteit van de dag!!. Ik zie het al voor me. Carl praat met Goedele over BHV.

Ik zou beter niet kijken want ik ben bang dat ik mezelf pijn ga doen.

Anyway, Carl heeft gereageerd op de petities:

“[…]bij VT4 werken ook geen onnozelaars, hè: als ik echt zo slecht was, zouden ze me niet blijven vragen. Hetzelfde geldt voor de gasten: Aad de Mos, Johan Boskamp, Marc Degryse, Emilio Ferrera, Bob Peeters, … Denk je dat die nog zouden komen als er niet met kennis van zaken over voetbal gesproken werd?[…]”

Hij bedoelt die trainer uit de Griekse tweede klasse, die werkloze sportmanager, de trainer van FC Nerds, en die voetballer uit tweede klasse? Tja, die mensen moeten ook geld verdienen he. Overigens werken bij VT4 wel degelijk onozelaars.

Carl gaat verder:

“Als ze (de petitiestarters en -ondertekenaars) de kijkcijfers van de Champions League- en WK-wedstrijden die ik omkaderd heb zouden opvragen, zouden ze wel anders piepen.”

Hier nog enkele programma’s met hoge kijkcijfers (wat volgens Carl dus aan de hoge kwaliteit te danken is): Sara, Familie, Thuis, De Pfaffs, het VTM-journaal.

Kritiek op de kleuterrubrieken was ook alom tegenwoordig in 2006, behalve in het hoofdkwartier van VT4, en dus kunnen we ons opnieuw verheugen op een absolute hoogvlieger als dakannekoek waarin kijkers bepaalde fases uit de wedstrijden proberen na te spelen en daarvan homevideos opsturen. Dolletjes!
Er zijn zelfs tien volledige minuten uitgetrokken voor een stel babes die in lingerie penalties zullen trappen. Probeer het u in te beelden! 10 minuten lang. Geen voetballers, geen ex-voetballers, geen miniemen, geen kleren. Geweldig! Welk genie kwam op dat idee? En wat had dien typ zitten roken?

Ik verlang naar de dag dat het voetbal op dezelfde manier behandeld zal worden als het wielrennen op de VRT. Zelfs voor een “kleine” koers als Gent-Wevelgem komt de VRT daar op de proppen met een mobiele studio, 2 verslaggevers achter de micro, één op de moto, één aan de aankomst om direct reacties los te krijgen, één in de mobiele studio voor de interviews (en het zijn niet de minste die dan hun opwachting maken) en één in Brussel.

Beste mensen van VT4, ik bid u, ik sméék u, blijf met uw fikken van het WK in 2010. En dat geldt ook voor jullie, Kanaal 2 2Be! Zeg maar aan De Bilde dat hij eens een deftige job zoekt.

Dat ze maar al wat opschuiven bij de Hollander, BBC en ITV, want er komen weer een hoop Vlamingen kijken.

(N.B.: let wel: ik geef commentaar op Carl als journalist, niet op Carl als persoon.)

Wat doe je vlak na een examen?

Het eerste examen – Frans – is in de handtas. Tot vlak voor het examen was ik krampachtig bezig met woorden en uitdrukkingen in mijn hoofd te rammen tegen de achtergrond van deel 1 van Mirthes spektakel (echt een goed nummer), wat ook tijdens het mondeling examen in mijn hoofd bleef hangen (“c’est à cause des garçons, Madame!”). Van horen zeggen heb ik een A+! Voor Frans! Vreemd is dat, want ik kan helemaal geen Frans. Hoeveel zou een Fransman dan krijgen?

Niet-rss-lezers zullen opmerken dat ik mijn header veranderd heb. En aandachtige niet-rss-lezers zullen bovendien ook opmerken dat de foto niet 100% perfect gestitched is, maar ik had nu eenmaal geen zin in een derde poging. Ik had zelfs geen zin om mijn kostuum uit te trekken. Lui is the word I believe…… yes….lui. Het is een foto van mijn bureau hier op kot, zoals die er toen toevallig bijlag op het moment dat ik terugkwam van dat examen (“waar is die cursus Frans dan?”, vraagt u zich af. Wel, die was te wit, dus heb ik hem opgeruimd.) en het is tijdelijk de header omdat het mijn laatste weken zijn, hier in de kelderloft.

Ondertussen zijn ze er bij de VRT blijkbaar al van overtuigd dat Obama de democratische presidentskandidaat zal worden in de VS. De woorden “zo goed als zeker” die de Ter-Zake-mensen hierbij in de mond nemen doen mijn wenkbrauw toch wat fronsen. Iedereen weet intussen toch wel dat de zgn. “superdelegates” zullen bepalen wie het tegen McCain zal opnemen, en dan wil ik nog wel eens zien wie die gaan kiezen. En wat als Florida (waar Clinton won) en Michigan (haar homestate) plots wél meetellen?

VRT-journalisten durven wel vaker te voorbarig te zijn met hun conclusies. Daarnet zag ik de aankomst van de Giro en het was een massasprint. Benatti en Cavendish gaan zij aan zij over de streep, waarbij de commentator “Cavendish wint! En dat op zijn verjaardag!” uitschreeuwt. “Daar geloof ik niks van”, dacht ik bij mezelf. Hoe kon die commentator dat met het blote oog uitmaken? En als ik had moeten gokken, dan had ik Bennati gegokt. Toen de herhaling getoond werd, begon de commentator (ik weet niet wie het was) te twijfelen: “Of was ik te vlug?”. Zelfs bij het bekijken van de fotofinish was nog steeds niet uit te maken wie de winnaar was. Uiteindelijk bood het luchtbeeld uitsluitsel: Bennati was de winnaar. In stille triomf zat ik in mijn zetel de VRT-man “loser” te noemen, en mezelf “winner”. Natuurlijk gebeurt dat ook enkel als je helemaal alleen bent.

Wat doe je vlak na een examen? Wel, ik heb het hierboven haarfijn beschreven.