Bij de weg: wat is het akkoord met al die samenstellingen?

Na een hele dag schrijven en schrappen ben ik halfweg pagina 10 aangekomen van mijn masterproef. Eén van de grote moeilijkheden waarmee ik te maken heb gekregen zijn de beperkingen van het Nederlands. Als taal. Als middel om je treffend uit te drukken. Het probleem is heel simpel: het Nederlands telt te weinig woorden. Daarbij: zaken die in andere talen (ik spreek nu eigenlijk over het Engels) een volledige zin in beslag nemen, neigen wij in één woord te gieten. Het resultaat klinkt bovendien heel erg kunstmatig en eigenlijk ook nogal belachelijk. Dat komt doordat het Engels veel meer creatieve mogelijkheden biedt om iets duidelijk en bondig te zeggen. In het Nederlands moet je gaan goochelen met zinsconstructies en voegwoorden om er iets leesbaars van te maken.

Bijvoorbeeld:

Engels: A corporation-inducing design.
Nederlands: een samenwerkingsbevorderend design (wat een monsterlijk woord) of een design dat samenwerking bevordert.

Ofwel gebruik je dus een woord als “samenwerkingsbevorderend” ofwel maak je er een zin van. Merk trouwens ook op dat “bevorderend” niet de precieze vertaling is van “inducing”, maar in het Nederlands is “bevorderend” zowat het enige woord dat je in een samenstelling met “samenwerking” kan gieten. En ja, in het Nederlands gebruiken we nu eenmaal voortdurend samenstellingen. Daarbij: een vertaling van “inducing” is “inducerend” dus het feit dat we het Engels woord vernederlandsen wijst nog maar eens op de armoede van onze taal.

Stel dat het Nederlands even flexibel zou zijn als het Engels, dan zou niemand raar opkijken van de term “samenwerkings-inducerend ontwerp”. I know, “ontwerp” is misplaatst, maar als we er die nuance aan willen toevoegen moeten we automatisch het Engelse woord gaan gebruiken. Geen wonder dat er zoveel Engels in onze taal verweefd zit tegenwoordig. Een shop is immers niet exact hetzelfde als een winkel, maar “winkel” is het is het enige woord dat we hebben.

Voila, dat moest ik even kwijt. En wie me een goeie vertaling kan geven voor “environmental problems”, die ben ik eeuwig dankbaar. En kom niet af met “leefmilieuproblemen”, en ook niet met “problemen voor het leefmilieu” want dan kom je in de problemen met de zin “State-centric theories are limited tools for addressing environmental problems as they focus on states as unitary actors.”

Think for yourself

Dit is mijn probleem: Voor een vers, politiek getint en op het eerste zicht mateloos interessant tweedesemestervak hebben we de keuze uit 3 saaie boeken.

DIT is het eerste

428 pagina’s gespierde lectuur over godsdienst, fundamentalisme en politiek. Inderdaad: het zal niet zijn voor op het strand van Blankenberge te lezen.

DIT is het tweede

477 pagina’s woordboksen en zinsbombardementen. Over integratie. En migranten. En andere issues waar ze in Ter Zake niet over kunnen zwijgen.

DAT is het derde

219 pagina’s “waarheid”. Of zo wordt het toch voorgesteld. Als waarheid. Zoals de koran, of de bijbel of Wikipedia godbetert. Het is een kritiek op exclusie en een pleidooi voor inclusie. En we moeten ophouden met onszelf als “beter” te beschouwen en alle culturen objectief beoordelen. En we mogen niks zomaar aannemen maar kritisch zijn. Behalve voor dit boek, want dat is de Waarheid, geschreven door God himself. En ik ga zijn naam niet uitspreken want het lijkt me de persoon die zijn eigen naam minstens 2 keer per dag googelt. Ik heb dit boek, ik heb het gelezen en daarom ga ik het niet kiezen. Dat zou te gemakkelijk zijn, een boek dat je al gelezen hebt. Wat leer je daaruit? Ik heb wel geen tijd om een boek te lezen dat door zijn omvang veel beter dienst kan doen als projectiel om uit het raam van de eerste verdieping te laten vallen als er weer eens vervelende Getuigen voor de deur staan vervelend te doen. Alhoewel. Ik heb ooit eens gezegd dat ik Getuigen wel binnen zou laten om er eens lustig mee te kunnen discussiëren tot ze erbij neervallen en ik ze bij hun enkels weer moet buitenslepen. Maar daar heb ik nog minder tijd voor.

Eén van de eerste twee dus. Maar welke? That is thé question.

Rapport

examen-januari-2008.jpg

11?? Hoezo 11?  Het makkelijkste examen, de best gestudeerde cursus, het goed gelukte examen, het slechtste resultaat. Ja, 11 is slecht. Dat is 5,5!! Dat wil zeggen dat bijna de helft van wat ik neerpende fout was. Ik kan 1 fout bedenken, misschien twee. Maar 9?? No way….

Maar ik krijg wel een 14 voor een paper waar ik niet eens zelf tevreden over was. Eerst was hij te lang, dan heb ik hem ingekort wat de leesbaarheid volgens mij erg verminderde, en de structuur heb ik waarschijnlijk 4 of 5 keer veranderd…

End of the line

Het gevoel dat je uit het examenlokaal stapt, je er even bij neer gaat zitten of naar huis loopt/fietst. Het waren betrekkelijk eenvoudige vragen en je denkt terug aan die dagen pure stress en spanning door de naderende deadline. En dan realiseer je je hoeveel tijd je niet verprutst hebt aan het studeren van ingewikkelde details terwijl die vanzelevens niet gevraagd gingen worden en ook niet gevraagd zijn! Man, ookal had ik het weekend vrijaf genomen, dat examen zou nog steeds gelukt zijn want er werd niks gevraagd uit de hoofdstukken die ik tijdens het weekend leerde.

Dat is een lastig gevoel. Een gevoel van pure nutteloosheid. Nu zit je weer vol kennis, veel te veel kennis, en die kennis heeft helemaal nergens voor gediend want nu ga je het allemaal langzaam vergeten. Steeds meer, tot je weer even dom bent als tevoren.

“Privatisering van de spoorwegen nu!!” Dat had ik willen roepen toen ik al 2 uur in de trein zat vandaag van Brugge naar Antwerpen. Trein 1 naar Gent kwam aan met 35 minuten (vijf-en-dertig!!!! Dat is even lang als……  geen idee) vertraging. 2 aansluitingen gemist. Geen nood, rustig ademen, in, uit, in, uit, pfffffff, we’re cool. Als we de volgende trein naar Antwerpen nemen hebben we 20 minuten om van het station naar de campus te hossen. 20 minuten, moet kunnen. Voorwaarde: geen vertraging.

10 minuten later, trein nog steeds niet aangekomen.

Not cool, not cool, not good, stress, stress, ergernisssssss!  Privatisering van de spoorwegen, NU!

Onderweg naar A’pen: steeds meer vertraging, trein stopt om onverklaarbare redenen waar NOOIT een verklaring voor gegeven wordt.

5 minuten voor aanvang van het examen bolt de trein het station binnen. Ik heb gelopen alsof mijn leven ervan af hing. Daarbij een paar keer mijn leven gewaagd terwijl ik uiterst zware verkeersovertredingen maakte (ooit eens een kruispunt diagonaal overgestoken terwijl het licht rood is? Ik heb het wel over het kruispunt van de Frankrijklei en de Franklin Rooseveltplaats). Maar het was het waard. In 5 minuten heb ik het gehaald. Nutteloos, zo bleek, want er waren geen examens genoeg en ze moesten er nog een paar kopiëren waardoor ik zeker nog 10 minuten met mijn vingers heb zitten draaien, mijmerend over die idiote zinloze sprint. Ik wist het zeker: het was mijn dag niet, en dat op de dag van het laatste examen.
Gezever, want het examen is goed gegaan. Het cliché komt weer eens uit he: geluk dwing je af.

Allez, kzijn content. Nu heb ik een heleboel dingen te doen die ik voordien niet kon doen, dingen die ik verwaarloosde door de examens. Zoals eten, drinken, en persoonlijke hygiëne….
Zei ik persoonlijke hygiëne? Ik bedoelde eigenlijk dat ik mijn boeken moet binnen brengen in de bib… (en ook een beetje persoonlijke hygiëne. Ik ben geen vuilerik. Nee, echt niet!)

Powered by ScribeFire.

Dresscode?!

Donderdag komt het eerste mondelinge examen eraan en dat betekent dat ik me weer in een deftig kostuum ga steken. Nee, natuurlijk gaat dat mijn cijfer niet beïnvloeden, maar ………… (ik lees nu plots in mijn lichtkrant dat Portishead mogelijk naar Vorst Nationaal gaat. Allen daarheen!)…(en nu lees ik dat er maandag … dat is vandaag! … een nachtwinkel in Brugge overvallen is. “De Pakistaanse uitbater werd met een luchtdrukpistool bedreigt en moest de inhoud van de kassa en zijn laptop afgeven. De daders spraken Engels”. Die toeristen worden steeds agressiever. En een Pakistaanse verkoper…. clichés zijn soms wel érgens op gebaseerd). Enfin, down to business.

Dat gaat dus natuurlijk mijn cijfer niet beïnvloeden maar dat is dan ook niet de reden waarom iemand überhaupt een kostuum aandoet op een mondeling examen. Als je naar een trouwfeest gaat doe je meestal toch ook een kostuum aan, maar waarom? Toch in ieder geval niet om de bruid van gedacht te doen veranderen zeker? Waarom dan wel? Ah, gewoon, omdat dat nu toevallig één van die gelegenheden is waarop je dat aandoet. Een mondeling examen hoort ook in die categorie en dus maken we van de gelegenheid gebruik. En daarbij: dat is nu toch wel één van de positieve kanten aan mondelinge examens als ik eerlijk mag zijn. Bij een schriftelijk examen trek je je dagdagelijkse kleren aan, ga je met een paar schrijfstokken aan een eenzaam tafeltje zitten (zodat je zeker niet spiekt), je maakt mekaar nog wat zenuwachtig en vervolgens mag je voor de volgende 2 uren onafgebroken schrijven tot je geen gevoel meer hebt in je elleboog en de zweetgeur vanonder je t-shirt begint op te stijgen. Je hebt eigenlijk geen zin om dat allemaal op te schrijven maar je kan niet anders.

Een mondeling examen, dat is veel plezanter. Je trekt een schoon kostuum aan met das en al, begeeft je naar het lokaal, waar in de gang een paar stoeltjes staan die niet gebruikt worden want iedereen is veel te zenuwachtig om te zitten (heerlijke sfeer!). Je vergelijkt jouw kustuum met dat van klasgenoot en je lacht met de enkeling die geen kostuum heeft aangetrokken en toevallig ná de twee snoodaards mét kostuum moet komen, je stapt binnen, je doet je verhaal, knoopt misschien een kort ontspannend gesprek aan met de prof en je gaat weg met een goed gevoel en met het brandende verlangen een jeansbroek aan te trekken.

Goed, dat is dan het ideale examen, zoals ze vorig jaar allemaal waren. Maar ik zie een herhaling wel zitten.

Probleem: dat mondeling examen is in Antwerpen. Ik moet dus de trein op en af nemen en 10 minuten te voet afleggen. En uiteraard regent en waait het. Dan is de hamvraag: wat voor jas trek je aan op een kostuum?? No matter what, no matter how, je zal er belachelijk uitzien tenzij je zo’n coole lange overjas aantrekt type maffiabaas. Die heb ik niet, ik heb alleen een gewone zwarte overjas met overal knopen en zakken op en nota bene een klein doodshoofd achter op mijn schouder! Ah, gevonden:

En een donkerbruin kostuum. Ik zal mij maar al opmaken voor twee schaamtelijke treinritten tussen grinnikende maffiabazen.

ps: ja zóóóó ijdel ben ik.

Powered by ScribeFire.

What am I up to?

Dit gaat werkelijk goed! Het moet zowat de lay-backste examenperiode zijn ever.

What is the fuss about, voor zover er fuss is (wat is fuss eigenlijk??): ik zit…….tadadadadaaaa……op schéma! That’s right: op schéma! Ontgoochelend voor u want je had ongetwijfeld iets anders verwacht (een dodelijk zieke prof of zo) maar voor mij is het uitzonderlijk (net zoals voor 99,999% van de studenten. Die 0,0001% is dan normaalgezien die jongen die / of dat meisje dat in de kamer naast jou op kot zit en het allemaal doodserieus neemt. Niet dat ik het niet doodserieus neem, maar……ja je weet wel. Btw: moet ik hier niet ergens haakjes sluiten of zo? Ja inderdaad… ) voila.

What are we up to? Goh, alsof het een hond interesseert. Maar na een hoop onzinnige posts over Obama, muziek en kleurboeken en zo (die “hoop” mag je letterlijk nemen. Dat is somehow grappiger) is het misschien eens tijd om iets meer persoonlijks neer te tikken. Als ik dan toch érgens kostbare studeertijd moet aan verspillen (kijk eens aan: het is weeral middag… Op de middelbare school kon ik alleen maar dromen dat de tijd zo snel ging).

Here we go: voor wie het wil weten. Mijn eerste examen is op … (zoekt dekking) … 21 januari. Don’t shoot! Ik kan er ook niet aan doen. Dat wil zeggen dat ik de rest van deze week, en volgende week, en de maandag van de week erop examenloze blok heb. Vandaar het ontbreken van stress. De dinsdag heb ik examen conflictresolutie waarvoor ik al zo goed als geslaagd ben. 2 dagen later verdedig ik mijn vermaledijde paper, dus daar moet ik ook al geen bloktijd in steken. En dan de week erop het examen voor het vak waar ik nu – normaalgezien – mee bezig ben: politieke economie. Het duurt altegader nog geen week en daarvoor krijg ik wé-ken blok toegegooid. Mijn planning is: 25 pagina’s per dag. Inderdaad: op schema zitten was niet zó moeilijk.

Volgend semester 2 vakken meer en een thesis. Dus dan ga ik ook zweten. Hopelijk begint de zomer even vroeg als vorig jaar, want dan moeten we nog maar 2 maanden wachten voor het weer 18 graden is.

Pfff, de volgende keer schrijf ik gewoon weer nuttige dingen. Over Obama en muziek en dingens.

Kleurboek

Naarmate je ouder wordt krijg je andere boeken om in te kleuren.

Daar komt hij, daar komt hij…

En…hij….be..rei..kt de finish dames en heren!! De paper is in kannen en kruiken, gereduceerd tot 15 pagina’s en al, met een mooie referentielijst vanachter en een titelblad vanvoor. Ik moet zeggen: normaal schrijf ik zoiets in één keer voor het slapengaan bij wijze van spreken, maar deze.was.echt.moeilijk.

Morgen dat ding gaan binnensmijten in Antwerpen en dan kan de gewone blok weer verdergaan. Hoera! Blok!

(bah)

Powered by ScribeFire.

Schrijven is schrappen

Foefelen, prutsen, marges veranderen, returns plaatsen, returns wegnemen, inspringing vergroten, inspringing verkleinen, ongedaan maken, lettertype veranderen, opgeven. “Het is dan maar 16 pagina’s in plaats van 15, die stomme paper. Als hij het te lang vindt dan moet hij maar de laatste pagina niet meer lezen.”

Dat was mijn gedacht gisteravond. Dat was vóór ik het lumineuze idee kreeg de opdracht nog eens goed te lezen en zag dat er 1,5 interlinie moet zijn. Eerste blunder van 2008 is een feit.

Oei, nee, de twééde blunder al. De eerste blunder was die 7€ die ik woensdag verloor in het pokeren.

Powered by ScribeFire.

Bot

gevangen. Het kruiske kan ik dus op mijn buik schrijven, wat ik intussen ook gedaan heb. Aanschijnlijk mag ik wat extra blokken voor de examens maar dat vind ik niet erg want ik was toch niet van plan één van mijn favoriete bezigheden te bezigen, zijnde een boek lezen in de zon, gaan koersen, of een terraske doen. Het weer is er gelijk niet echt naar. En heb ik al gezegd dat ik Abchazië onnoemelijk interessant vind? Zelfs interessanter dan Kosovo, jaja! Laat mij trouwens de eerste zijn om die laatsten proficiat te wensen met hun onafhankelijkheid. Als het enige steun is: ik erken u alvast! Nu de rest nog.

Over het weer gesproken: nadat ik bij qahwa las over nostalgische winterpret, ben ik even gaan grasduinen (schitterend woord) in mijn oude blog naar impressies over de winter van mijnerzijde. In 2005 zat ik blijkbaar evenveel te zagen over de winter als nu:

Het is weer eens winter in Vlaanderen: regen, hagel, wind. En op de
markt zijn ze waarschijnlijk nog altijd aan het schaatsen. Ik vraag me
af of die optimisten die in de zomer zeggen dat ze van de winter houden
omdat het zo gezellig is, nog altijd van die mening zijn. Anders
moeten ze maar eens gaan fietsen! Buiten is het gewoon één grote
smeerlapperij. In Alaska sneeuwt het, waait het en vriest het 20 graden
onder nul. Maar toch ziet het er aangenamer uit dan hier. Waarom? Omdat
het er mooi is. Hier is het lelijk. Het is al sowieso lelijk maar in de
winter is het nog lelijker. En dat blijft maar duren. Morgen zal weer
zo’n dag zijn om over te slaan.

Ik heb het gevonden: een positief punt aan Kerstmis. Ik
haat sneeuw en op Kerstmis sneeuwt het NOOIT. Ter compensatie
wordt er dan sneeuw op de ruiten en op de kerstboom gespoten. Can
it be more pathetic? Sneeuw uit een spuitbus. Gezellig.
Eigenlijk zou het wel eens mogen sneeuwen. Of nog beter:
ijzel. In dat geval zou ik wel eens een kijkje gaan nemen hoe het
eraan toegaat in de Steenstraat. Het zouden ongetwijfeld hilarische
taferelen zijn: mensen die ongewild plastic-skiën op een zak van de
Casa, vrouwen met hoge hakken onder hun laarzen die languit in de goot
liggen, mensen die een winkel willen binnen gaan maar er gewoon
voorbijglijden.

Voor een accurate weersvoorspelling moet je mij bellen: het
begint altijd pas te regenen als ik de garagepoort open en mijn
fiets naar buiten rijd. Hagelen doet het wanneer ik een
belangrijke afspraak heb.

Er was veel vuurwerk! Ontzettend veel vuurwerk!
En terwijl de brandweer overal af en aan reed en verscheidene daken in
lichterlaaie stonden, wensten we mekaar een gelukkig Nieuwjaar. Ik hou
van Nieuwjaar. Het geeft je het gevoel van een nieuwe lei, weer in
het begin van een nieuw jaar waarvan je niet weet hoe het jaaroverzicht
er in december zal uitzien, en vooral: uitzicht op een nieuwe zomer!

Jongens toch, wat wordt dat als ik de Man Bijt Hond-gerechtigde leeftijd bereikt heb (gepensioneerd dus)? Maar toch…. vandaag stapte ik nog eens op mijn fiets en het begon te regenen…. En met natte remmen is het heel moeilijk de kerstshoppers in de Steenstraat te ontwijken. Ik vermoed zelfs dat de zwakke weggebruikers in opstand komen tegen het Brugs fietsterrorisme: in plaats van dat wij hen proberen omver te rijden, gaan zij opzettelijk voor – ik zou zelfs zeggen tégen – onze wielen beginnen lopen.

Coming up: blogposts over Calexico, nog eens een conceptalbum en Flanders’ Fields of zo. Dat staat althans in mijn notities, alleen weet ik niet meer wat ik ermee bedoelde. Flanders’ Fields…..(wtf?)….

Powered by ScribeFire.